Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

Agrimatie > Themes > Vis aanvoer
     
Vis aanvoer
Select an indicator
Aanvoer en besomming - Kottervisserij

Aanvoer van Noordzeevis en garnalen in 2020 wederom veel lager dan gemiddelde 2014-2018
9/24/2021

De totale aanvoer (levend gewicht) van de Nederlandse kottervloot was met een totaal van 64 mln. kg in 2020 vergelijkbaar met het voorgaande jaar. Echter, de het vijfjarig gemiddelde daarvoor (2014-2018) lag met een aanvoer van circa 80 mln. kg veel hoger.

Het lage aanvoerniveau wordt vooral veroorzaakt door de lagere vangst per eenheid van inspanning. De lage aanvoer resulteerde wederom in een lage benutting van de vangstquota van enkele belangrijke doelsoorten (zoals schol en tong) waar de Nederlandse kotters gericht op vissen. In 2020 nam het aanvoergewicht van de platvissoorten schol (-12%) en tong (-1%) af, ten opzichte van 2019. Evenzo was er een afname van de inktvis (-16%) en mul (-4%) uit het Engelse kanaal. De langoustineaanvoer kende procentueel gezien de grootste afname met -31%. Voor andere soorten nam de aanvoer in 2020 juist toe: garnalen (13%), tarbot (13%), griet (8%), makreel (21%) en rode poon (13%).

In onderstaande figuren is de aanvoer van vis en garnalen weergegeven, verkregen uit VIRIS (levend gewicht).


De aanvoer van schol daalde (-12%) van 21,4 mln. kg (2019) naar 19,0 mln. kg (2020). De aanvoer van tong daalde licht (-1%) en kwam net als vorig jaar op een totaal van 6,7 mln. kg. Het aanvoergewicht voor griet bedroeg 1,0 mln. kg (+8%) en voor tarbot 2,1 mln. kg (+13%). De aanvoer van bot kwam uit op 1,3 mln. kg (+11%) en voor schar was dat 2,2 mln. kg (-15%) in 2020.


De aanvoer van rode poon steeg met 13% van 1,8 mln. kg (2019) naar 2,0 mln. kg (2020). Een ander veel gevangen doelsoort van flyshooters is de mul. De aanvoer hiervan was vergelijkbaar met een jaar eerder: in 2020 brachten Nederlandse kotters 1,8 mln. kg (-4%) op de markt. Inktvis werd minder gevangen dan in 2019: 1,2 mln. kg (-16%). De makreelaanvoer nam toe van 1,0 mln. kg (2019) naar 1,2 mln. kg (+21%) in 2020.



De aanvoer van langoustine (ook wel Noorse kreeft) daalde sterk in 2020 vergeleken met het vorige jaar. De aanvoer van deze met bordenvisserij gevangen Noorse kreeft nam met 31% af van 1,3 mln. kg naar 0,9 mln. kg. De aanvoer van Noordzeegarnalen steeg (+13%) naar 17,9 mln. kg in 2020. Een recordaanvoer van garnalen in 2018 was 28 mln. kg. Er ontstond toen een overaanbod door de grote aanvoer, met grote prijsdalingen als gevolg. Vanuit de producentenorganisaties werd een urenbeperking geadviseerd om een verder overaanbod op de markt en prijsdalingen voor de vissers te voorkomen. In 2020 was niet de aanvoer de beperkende factor in de keten maar eerder de verwerkingscapaciteit van handmatig pellen in Marokko. In de pelateliers moest de anderhalvemetermaatregel strikt worden nageleefd om verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. De capaciteit in de pelateliers daalde daardoor tot een derde van de oorspronkelijke capaciteit. Dit had ook een negatief effect op de aanvoer: om enorme voorraden te voorkomen nam de garnalengroothandel minder volume af. De aanvoer van kabeljauw (-18%) en wijting (-24%) nam af tot respectievelijk 0,6 mln. kg en 1,1 mln. kg. Zeebaars mag uit voorzorg, vanwege het relatief kleine visbestand, beperkt gevangen worden. Procentueel nam de aanvoer van zeebaars door kotters sterk toe (+73%) in 2020. In absolute zin was het volume alsnog beperkt tot 0,06 mln. kg (64 ton).

Aanvoer door kotters >300 pk: Alle vlootsegmenten vingen per dag minder vis in 2020.



Puls 80 mm:
De totale vangst per zeedag nam af (-7%) van gemiddeld 1.542 kg per zeedag (2019) naar 1.427 kg per zeedag (2020). De soortensamenstelling werd in 2020 voor 70% bepaald door tong (46%, 655 kg per dag) en schol (24%, 346 kg per dag). Daarna waren de belangrijkste soorten tarbot (6%; 81 kg per dag), rode poon (4%, 57 kg per dag), schar (4%; 51 kg) en griet (3%; 46 kg). Opvallend is dat er in 2020 per dag veel meer tong (+15%) werd gevangen door de grote pulskotters dan in 2019. Vermoedelijk werd dit veroorzaakt door de sterke jonge jaarklasse, geboren in 2019, die in de vangst kwam. Er werd in 2020 dan ook relatief veel van de kleinste maat tong (sliptong) aangevoerd.

Het aantal zeedagen bedroeg in 2020 2.651; in 2019 was dat 7.727.

Boomkor/SumWing 80 mm:
De totale aanvoer per zeedag kwam in dit vlootsegment uit op 1.647 kg in 2020. Dit 7% minder dan in 2019. Ruim twee derde van de totale vangst per dag bestond in 2020 uit tong en schol. Schol werd het meest gevangen, met 41% van de totale vangst per dag en gemiddeld 673 kg per dag. Dat is aanzienlijk minder (-31%) dan in 2019, toen er nog 970 kg per zeedag aan schol werd gevangen. Het gevangen aantal kilo’s tong kwam uit op 440 kg per zeedag, tegenover 328 kilo een jaar eerder (34% meer). Desalniettemin lagen deze vangsten nog fors lager dan in de pulsvisserij met 80 mm (655 kg per zeedag). De vangsten met boomkor/SumWing bestonden verder uit tarbot (8%; 135 kg per dag), rode poon (5%, 78 kg), schar (4%; 72 kg per dag) en griet (4%; 67 kg per dag).
Het aantal zeedagen bedroeg in 2020 8.817, in 2019 was dat 3.942. Deze grote toename (+124%) wordt (deels) verklaard door vissers die voorheen met de puls visten, maar door het pulsverbod noodgedwongen weer naar de boomkor of SumWing moesten terugschakelen.

Boomkor/SumWing +100 mm:
De totale vangst in dit vlootsegment kwam met 2.967 kg per zeedag 18% lager uit dan in 2019 (3.596 kg per zeedag). Dit is ruim onder het niveau van 2017, toen de gemiddelde vangst per zeedag nog op 5.168 kg lag (174% ten opzichte van 2020). In dit op de vangst van schol gerichte segment bestond in 2020 bijna 79% van de totale vangst uit schol, met gemiddeld 2.339 kg per zeedag. De vangst van schol per visdag daalde, net als de totale vangst, sterk (-18%). In 2019 werd 2.845 kg schol per zeedag gevangen: 500 kg meer per zeedag dan in 2020. De vangstsamenstelling werd verder bepaald door met name schar (7%; 216 kg per zeedag), tarbot (2%, 69 kg per zeedag), zeeduivel (2%, 65 kg per zeedag), tongschar (2%, 56 kg per zeedag) en tong (2%; 48 kg per zeedag).
Ondanks de stilligregeling in 2020, nam het aantal zeedagen in vergelijking met 2019 met 2% toe tot 3.553. In 2019 bedroeg het aantal zeedagen nog 3.495.

Twinrig/Quadrig 80 mm:
De totale vangst per zeedag kwam uit op 1.050 kg, wat een verhoging (+12%) is vergeleken met 2019 (934 kg per zeedag). Dit segment richt zich vooral op de soorten schol en langoustine (Noorse kreeft). Van de vangst in 2020 bestond 38% (397 kg per zeedag) uit langoustines. Schol werd met 384 kg per dag (37% van het totaal) meer gevangen (+7%) dan in 2019 (360 kg per zeedag). Verder werden vooral tarbot (5%; 52 kg per zeedag) en griet (3%; 29 kg per zeedag) gevangen.
Het aantal zeedagen bedroeg in 2020 1.208; in 2019 was dat 1.031.

Twinrig/Quadrig +100 mm:
De totale vangst per zeedag kwam in dit vlootsegment uit op 1.793 kg (10% minder dan in 2019). 69% van de vangst per zeedag (1.244 kg) bestond in 2020 uit schol. Een vermindering van 17% vergeleken met een jaar eerder (2019: 1.493 kg per zeedag). Andere vissoorten die een belangrijk deel van de vangst per dag vormden, waren tarbot (8%; 136 kg), schar (4%; 79 kg), tongschar (4%, 63 kg), en griet (2%; 43 kg).
Het aantal zeedagen bedroeg in 2020 1.276; in 2019 was dat 1.093.

Genoemde mm. (millimeter) zijn maaswijdtes.

Aanvoer door kotters <=300 pk



Puls 80 mm:
In totaal werd in 2020 gemiddeld 950 kg per zeedag gevangen. Dat is 9% meer dan in 2019. 42% van de totale vangst van dit segment bestond in 2020 uit tong (395 kg per zeedag). De tongvangst per zeedag lag daarmee 23% hoger dan in 2019. De vangst per zeedag werd verder bepaald door met name bot (29%; 274 kg), schol (12%; 114 kg), en schar (6%; 58 kg).
Het aantal zeedagen bedroeg in 2020 1.056; in 2019 was dat 2.133.

Boomkor/SumWing 80 mm:
De totale vangst per zeedag in dit segment kwam uit op 902 kg. Vergeleken met de 694 kg per zeedag in 2019 is dat een aanzienlijke toename (+30%). Het grootste deel van de vangst bestond uit bot (51%, 457 kg per zeedag). De overige vangst per zeedag werd met name bepaald door tong (25%; 221 kg), schol (12%; 105 kg) en schar (4%; 33 kg).
Het aantal zeedagen bedroeg in 2020 744; in 2019 was dat 724.

Boomkor/SumWing +100 mm:
De gemiddelde vangst per zeedag in dit vlootsegment kwam uit op 1.027 kg. Dat is 6% meer dan in 2019 (965 kg per dag). Schol was in 2020 de meest gevangen vissoort met 74% van het totaal (gemiddeld 758 kg per zeedag). Verder bestond de vangst vooral uit schar (11%; 116 kg per zeedag), bot (5%; 48 kg per zeedag) en tarbot (5%; 47 kg per zeedag).
Het aantal zeedagen bedroeg in 2020 74; in 2019 was dat 249.

Twinrig/Quadrig 80 mm:
De totale vangst kwam in 2020 uit op 1.110 kg per zeedag. Dit is een verhoging van 27% ten opzichte van 2019 (871 kg per zeedag). Net als bij de >300 pk-kotters die met twinrig/quadrig vissen, richt deze visserij zich met name op langoustines en schol. Van de vangst in 2020 bestond 38% uit Noorse kreeft (417 kg per zeedag). Schol vormde daarnaast een belangrijk deel van de vangst (30%; 328 kg per zeedag) gevolgd door makreel (11%, 122 kg per zeedag) en tarbot (4%; 46 kg per zeedag).
Het aantal zeedagen bedroeg in 2020 853; in 2019 was dat 2.214.

Twinrig/Quadrig >100 mm:
De totale vangst per zeedag kwam uit op 983 kg: dat is 10% meer dan in 2019 (897 kg per zeedag). In 2020 bestond voor 58% (574 kg per zeedag) van de vangst uit de doelsoort schol. In 2019 was dat ook 58% maar in absolute zin 523 kg per zeedag. Andere noemenswaardige gevangen vissoorten waren bot (11%, 104 kg per zeedag), tong (5%, 46 kg per zeedag), langoustine (4%, 42 kg per zeedag), tarbot en schar (ieder 3% met 29 kg per zeedag) en makreel (2%, 27 kg per zeedag).
Het aantal zeedagen bedroeg in 2020 1.001, in 2019 was dat 816.

Genoemde mm. zijn maaswijdtes

Alle kotters



Garnalenvisserij:
De totale vangst per zeedag in de garnalenvisserij kwam uit op 971 kg; dat is 21% minder dan in 2019 (1.228 kg per zeedag). Negenennegentig procent van de vangsten bestaat uit de doelsoort garnalen, waarvan in 2020 gemiddeld 963 kg per zeedag werd gevangen. Dit is relatief weinig ten opzichte van 2019 (1.223 kg per zeedag). De fluctuaties in de hoeveelheid vangst per zeedag geven aan hoe wisselend de garnalenvangsten kunnen zijn. Zo was deze in 2017 676 kg per zeedag en in 2018 ruim twee keer zo hoog (1.397 kg per zeedag).
Het aantal zeedagen bedroeg in 2020 18.472; in 2019 was dat 12.873.

Flyshootvisserij:
De totale aanvoer in de flyshootvisserij kwam uit op 2.423 kg per zeedag in 2020. In 2019 was dat 2.719 kg (dus een afname van 11% in 2020). Deze visserij kent een groot aantal doelsoorten. De belangrijkste vissoorten waren in 2020: mul (20%; 496 kg per zeedag), makreel (13%, 310 kg per zeedag), rode poon (11%; 270 kg per zeedag), inktvis (10%; 235 kg per zeedag) en wijting (9%; 228 kg per zeedag).
Het aantal zeedagen bedroeg in 2020 3.482; in 2019 was dat 3.145.



Kies een sector
Contactpersoon
Hans van Oostenbrugge
070-3358239
 

Alles over
  • Algemeen
    >
  • Economie
    >
  • Maatschappij
    >
  • Milieu
    >
Meer informatie
Toelichting indicator
Thema omschrijving
Beleidsinformatie
Archief



Top of page