Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

Agrimatie > Themes > Economisch resultaat
     
Economisch resultaat
Select an indicator
Opbrengsten - Vleeskalverhouderij

Lagere contractvergoeding kalverenbedrijven
12/17/2020

De totale opbrengsten op bedrijven met blankvleeskalveren op contract nemen met 4% af. De contractvergoeding per kalf daalt met 5%, maar de opbrengsten uit de akkerbouwtak zijn wat hoger. De overstap van dierpremies in 2015 naar de uniforme hectaretoeslag in 2019 heeft grote gevolgen voor de ontvangen EU-gelden, omdat veel kalverbedrijven weinig grond hebben. De bedrijven hebben naast contractvergoedingen en deze bedrijfstoeslagen ook opbrengsten uit andere veehouderijtakken, maar met name uit de akkerbouwtak, deels door verkoop van voedergewassen.

Achtergrond contracten
Het grootste deel van de blankvleeskalveren wordt in Nederland op contractbasis gehouden. De kalverenhouders ontvangen op basis van afgesloten contracten een vergoeding voor de geleverde arbeid, gebouwen en overige kosten. De contractgever levert de nuchtere kalveren en het voer aan de kalverhouders en bepaalt het tijdstip van afleveren van de slachtrijpe dieren. Ook de verdere verwerking en vermarkting is in handen van de contractgevers c.q. integraties. 

 

Slachtingen en export
In 2020 zijn tot en met augustus bijna 6% minder kalveren geslacht dan in diezelfde periode in 2019. Van de geslachte kalveren was 90% jonger dan 9 maanden. Het grootste deel van de kalfsvleesproductie wordt geëxporteerd. De export van levende slachtrijpe kalveren is tot en met begin november 2020 ruim verdubbeld in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar, maar in absolute aantallen stelt dit niet zo veel voor in vergelijking met het aantal kalveren dat wordt geslacht (ruim 1%). De import van levende nuchtere kalveren voor de kalverhouderij is met 12% afgenomen. De import vanuit het belangrijkste handelsland Duitsland is met 6% afgenomen. Vanuit België is de afname bijna de helft en vanuit Ierland is de import met 40% afgenomen. Opvallend is de toename met 20% vanuit Denemarken (met maar een aandeel van 5% in de totale import). Door de stagnerende afzetmarkt konden er minder kalveren worden opgezet en werd voorrang gegeven aan de kalveren van Nederlandse melkveehouders. Desondanks daalden de prijzen van nuchtere kalveren ook in Nederland.

Blank en rosé
De markt van rosévlees is duidelijk verschillend van die van blankvlees. De prijzen van blankvlees zijn de laatste jaren gedaald terwijl die van rosé schommelen maar tot en met 2019 nauwelijks zijn gedaald. In 2020 dalen de rosékalveren circa 16% in prijs en de blankvleeskalveren 10%. De prijzen van nuchtere kalveren voor de blankvleeskalverhouderij zijn, na een stijging in 2017 en 2018, zowel in 2019 als in 2020 met 25% gedaald.

Opbrengsten

De gemiddelde contractvergoeding daalt met 5% door de circa 4 weken langere leegstand en de gemiddeld iets lagere prijs voor die kalverhouders die in 2020 een nieuw contract moesten afsluiten. De opbrengsten op een bedrijf met blankvleeskalveren op contract zijn met 4% iets minder gedaald, door hogere opbrengsten uit de akkerbouwtak (met name voedergewassen). De ontvangsten uit betaalrechten zijn sinds 2019 beland op het niveau van circa 5.000 euro omdat een gemiddeld bedrijf bijna 13 ha cultuurgrond heeft en ze daar de uniforme hectaretoeslag voor krijgen.


Voor de vrije mesters is de situatie in 2020 nog ernstiger. Snijmais werd 7% duurder en rosébrok 1%. De prijzen van aangekochte kalveren (nuchter of roodbonte stierkalveren) zijn weliswaar aanzienlijk lager met respectievelijk 26% en 14%, maar daar staat tegenover dat de verkochte blank- en rosévleeskalveren in prijs zijn gedaald (respectievelijk -8% en -17%). Per saldo zal het inkomen op deze bedrijven aanzienlijk sterker teruglopen dan op de bedrijven met een contract.

De gemiddelde contractvergoeding daalt met 5% door de circa 4 weken langere leegstand en de gemiddeld iets lagere prijs voor die kalverhouders die in 2020 een nieuw contract moesten afsluiten. De opbrengsten op een bedrijf met blankvleeskalveren op contract zijn met 4% iets minder gedaald, door hogere opbrengsten uit de akkerbouwtak (met name voedergewassen). De ontvangsten uit betaalrechten zijn sinds 2019 beland op het niveau van circa 5.000 euro omdat een gemiddeld bedrijf bijna 13 ha cultuurgrond heeft en ze daar de uniforme hectaretoeslag voor krijgen.

Voor de vrije mesters is de situatie in 2020 nog ernstiger. Snijmais werd 7% duurder en rosébrok 1%. De prijzen van aangekochte kalveren (nuchter of roodbonte stierkalveren) zijn weliswaar aanzienlijk lager met respectievelijk 26% en 14%, maar daar staat tegenover dat de verkochte blank- en rosévleeskalveren in prijs zijn gedaald (respectievelijk -8% en -17%). Per saldo zal het inkomen op deze bedrijven aanzienlijk sterker teruglopen dan op de bedrijven met een contract.

Ontwikkeling van prijzen in de vleeskalverhouderij (exclusief btw)
2017201820192020 (r)Mutatie(%)
 Nuchtere kalveren a)851037556-26
 Stierkalveren voor rosé (roodbont)12513310389-14
 Vleeskalveren wit b)455445400361-10
 Vleeskalveren rosé > 8 mnd. c)320330310260-16
 Prijs rosébrok (euro/100 kg)2,5702,6652,6952,7241
 Prijs snijmais (euro/1.000 kg)566567729
a) Stierkalveren per stuk, zwart- en roodbont 1e kwaliteit 47 kg, van Nederlandse afkomst; b) Euro per kg geslacht gewicht, 2e kwaliteit; c) Euro per kg geslacht gewicht.
Bron: Wageningen Economic Research




Kies een sector
Contactpersoon
Harold van der Meulen
0317-484436
 

Alles over
  • Algemeen
    >
  • Economie
    >
  • Maatschappij
    >
  • Milieu
    >
Referenties
BINternet: Verlies- en winstrekening van vleeskalverbedrijven

Meer informatie
Toelichting indicator
Thema omschrijving
Beleidsinformatie
Archief



Top of page