Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

Agrimatie > Sectors > Pluimveehouderij
     
Pluimveehouderij
Select a theme
Algemeen

Economie

Maatschappij

Milieu

  
  
   
   
Select an indicator
Contactpersoon
Harold van der Meulen
0317-484436
 

Deze informatie voor andere sectoren
  • Akkerbouw
  • Bloembollenteelt
  • Boomkwekerij
  • Fruitteelt
  • Geitenhouderij
  • Glasgroententeelt
  • Glastuinbouw
  • Land- en tuinbouw
  • Leghennenhouderij
  • Melkveehouderij
  • Vollegrondsgroenteteelt
  • Opengrondstuinbouw
  • Pot- en perkplantenteelt
  • Snijbloementeelt
  • Varkenshouderij
  • Vleeskalverhouderij
  • Vleeskuikenshouderij
  • Zetmeelbedrijven

Alles over
  • Algemeen
    >
  • Economie
    >
  • Maatschappij
    >
  • Milieu
    >

Inkomen uit bedrijf - Leghennenhouderij

Extreme inkomensverschillen door fipronil
12/18/2017

In 2017 is het gemiddelde inkomen van leghennenhouders bijna verdubbeld. Dat is vooral te danken aan de gestegen eierprijzen in het tweede halfjaar door het tekort aan eieren. Maar bedrijven die zijn getroffen door de fipronilaffaire zullen fors lagere inkomens hebben door de geleden schade als gevolg van maatregelen om fipronil-vrije eieren af te leveren.


Voor 2017 zijn de inkomens van leghennenbedrijven flink hoger geraamd door hogere opbrengsten en iets lagere kosten. Het gemiddelde inkomen uit bedrijf zal in 2017 met 58.000 euro stijgen naar 126.000 euro per onbetaalde aje. Dat is bijna een verdubbeling vergeleken met het inkomen van 2016. De hogere opbrengsten zijn vooral het gevolg van hogere eierprijzen in tweede helft van 2017. In het derde kwartaal ontstond een eiertekort door de opgelegde maatregelen om fipronil van bedrijven te verwijderen zodat fipronil-vrije eieren kunnen worden afgeleverd. Circa 30% van de gespecialiseerde leghennenbedrijven was slachtoffer van een bedrijf dat bloedluizen bestreed met een middel waarin de verboden stof fipronil zat. Die stof werd ook aangetroffen in de eieren, waarna die stallen met leghennen werden geblokkeerd door de NVWA en de eieren werden vernietigd. Daarna moesten pluimveehouders de fipronil uit de stallen krijgen door alles regelmatig grondig te reinigen. Hierbij zijn direct na de blokkade hennen vroegtijdig gedood of is er gekozen om de hennen in de rui te brengen. Daardoor werd in een aantal weken geen eieren geproduceerd. Als die maatregel niet afdoende was, moesten leghennen alsnog vroegtijdig worden gedood en mest vroegtijdig worden afgevoerd naar de destructor. Dat alles bracht grote economische en emotionele schade toe aan de getroffen bedrijven en hun gezinnen (zie ook Van Horne et al., 2017).

Grote inkomensverschillen door fipronilcrisis
Tussen leghennenbedrijven zijn ieder jaar grote verschillen in inkomen per onbetaalde aje. In de afgelopen jaren was het verschil tussen de beste 20% en de slechtste 20% bedrijven ruim 150.000 euro per bedrijf. Voor 2017 worden veel grotere inkomensverschillen verwacht omdat bedrijven die door de fipronilaffaire zijn getroffen zeer grote economische schade hebben geleden. Bedrijven die daarvan geen last hebben gehad en bovendien eieren voor de vrije markt produceren, hebben daarentegen geprofiteerd van de forse prijsstijging van eieren in het tweede halfjaar. Dat voordeel geldt echter niet voor circa een derde van de bedrijven met contractprijzen die voor langere tijd (één of meer koppels) dezelfde eierprijzen ontvangen. Vooral bij biologische bedrijven en bedrijven met vrije uitloopeieren wordt met contracten gewerkt. Pas bij nieuw af te sluiten contracten met pakstations kunnen zij mogelijk een inkomensverbetering tegemoetzien. Volgens raming is de range 20% bedrijven die een lager inkomen behalen dan 100.000 euro negatief tot +400.000 euro per oaje voor de 20% bedrijven met de hoogste inkomens die hebben geprofiteerd van hoge eierprijzen in het tweede halfjaar. Voor bedrijven die in november nog steeds zijn geblokkeerd zal het inkomen nog lager zijn dan geraamd.


Referenties


Inkomen uit bedrijf - Vleeskuikenshouderij

Inkomen vleeskuikenbedrijven gedaald door lagere opbrengsten
12/18/2017

In 2017 zal het inkomen van het gemiddelde vleeskuikenbedrijf dalen door lagere opbrengsten. De betaalde kosten per bedrijf zijn vrijwel onveranderd. Dat komt vooral door de kleinere bedrijfsomvang want het voer werd wel duurder, vooral van bijgevoerde tarwe. Het gemiddelde inkomen uit bedrijf zal in 2017 met  bijna 40.000 euro dalen naar 85.000 euro per onbetaalde aje.

Voor 2017 is het inkomen 46.000 euro per bedrijf lager geraamd. Dat komt vooral doordat de opbrengsten dalen door 2% lagere prijzen en de kleinere omvang van het gemiddelde bedrijf. Meer bedrijven zijn overgestapt naar conceptkuikens die langzamer groeien en meer ruimte nodig hebben. Naar schatting is circa een derde van de Nederlandse bedrijven overgestapt op concepten met langzaam groeiende kuikens. De voerprijzen zijn 3% hoger dan voorgaand jaar, vooral door duurdere tarwe. Door minder dieren per bedrijf zijn de voerkosten nauwelijks gestegen. De kosten voor vreemd vermogen zijn opnieuw gedaald, maar de overige bedrijfskosten zijn per saldo iets gestegen. De afzetprijs van pluimveemest is in 2017 is lager geraamd dan vorig jaar. Begin van het jaar was de mestmarkt nog overvol, mede door het grote aanbod van rundveemest. Maar door de verplichte krimp van de rundveestapel werd het mestaanbod geleidelijk aan kleiner en daalden de mestafzetprijzen licht. Bij pluimveemest gaat de helft van productie naar andere landen, vooral Duitsland en Frankrijk. Daarnaast wordt circa 40% van de pluimveemest verwerkt door de BMC in Moerdijk.

Door de lagere opbrengsten zal het inkomen uit bedrijf in 2017 dalen naar 83.000 euro per onbetaalde aje. Dat is ruim het dubbele van het langjarig gemiddelde 2001-2016, maar wel iets lager dan de laatste drie jaren. In de periode 2011-2013 hebben vooral de hoge voerprijzen een drukkend effect gehad op de inkomens. Voerprijzen hebben veel invloed op de inkomens in de vleeskuikenhouderij want circa 70% van de betaalde kosten bestaat uit voerkosten.


Inkomensverschillen nemen toe 

Tussen vleeskuikenbedrijven zijn er grote verschillen in inkomen per onbetaalde aje. De inkomensrange tussen de 20% hoogste en 20% laagste bedrijven (zie groene vlak in de figuur) blijkt groter te zijn in jaren met relatief hoge inkomens. In 2016 was het gemiddelde inkomen hoog (124.000 euro per onbetaalde aje) waarbij 20% van de bedrijven een inkomen heeft van minder dan 43.000 euro per onbetaalde aje. Terwijl 20% van de bedrijven een inkomen realiseerde van meer dan 202.000 euro per onbetaalde aje. Dat inkomensverschil is iets groter dan in 2014, maar in andere jaren waren de verschillen duidelijk kleiner. De schaalvergroting en de diversificatie van de productie zoals conceptkuikens, heeft in de afgelopen jaren bijgedragen aan het vergroten van de inkomensverschillen.

 

Tussen vleeskuikenbedrijven zijn er grote verschillen in inkomen per onbetaalde aje. De inkomensrange tussen de 20% hoogste en 20% laagste bedrijven (zie groene vlak in de figuur) blijkt groter te zijn in jaren met relatief hoge inkomens. In 2016 was het gemiddelde inkomen hoog (124.000 euro per onbetaalde aje) waarbij 20% van de bedrijven een inkomen heeft van minder dan 43.000 euro per onbetaalde aje. Terwijl 20% van de bedrijven een inkomen realiseerde van meer dan 202.000 euro per onbetaalde aje. Dat inkomensverschil is iets groter dan in 2014, maar in andere jaren waren de verschillen duidelijk kleiner. De schaalvergroting en de diversificatie van de productie zoals conceptkuikens, heeft in de afgelopen jaren bijgedragen aan het vergroten van de inkomensverschillen.



Referenties



Meer informatie
Toelichting indicator
Thema omschrijving
Beleidsinformatie
Archief


Top of page