Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

Agrimatie > Sectoren > Varkenshouderij
     
Varkenshouderij
Kies een thema
Algemeen

Economie

Maatschappij

Milieu

  
   
   
   
   
Kies een indicator
Deze informatie voor andere sectoren
  • Leghennenhouderij
  • Melkveehouderij
  • Vleeskuikenshouderij
  • Vleesvarkenshouderij
  • Zeugenhouderij

Alles over
  • Algemeen
    >
  • Economie
    >
  • Maatschappij
    >
  • Milieu
    >

Barometer: resultaten per maand - Vleesvarkenshouderij

Saldo vleesvarkensbedrijven begin 2026 vrijwel op nul
30-4-2026

Het maandsaldo van vleesvarkensbedrijven bleef in het eerste kwartaal van 2026 onder druk staan en verslechterde verder.


Waar januari nog eindigde met een beperkt negatief saldo van ongeveer 1.500 euro, liep dit verlies in februari op naar 7.800 euro en in maart naar 8.100 euro. Daarmee bereikte het resultaat in maart het laagste niveau sinds begin 2025. Ondanks een verbetering van de opbrengsten in maart wist de sector nog niet terug te keren naar een positief rendement. De cijfers zijn gebaseerd op een standaardbedrijf met gemiddeld 4.800 vleesvarkens.

Opbrengsten herstelden, maar bleven achter bij kostengroei
Na de zwakke start van het jaar trokken de opbrengsten in maart weer aan naar ongeveer 197.000 euro per maand, tegenover 171.800 euro in januari. Dat betekent dat de opbrengsten in twee maanden tijd 15% stegen. Deze verbetering hing samen met de oplopende vleesvarkensprijs, die steeg van 1,30 euro per kg in januari naar 1,49 euro per kg in maart. Ondanks dit herstel lagen de opbrengsten nog altijd ruim 27% onder de piek van juni 2025 (272.000 euro).

Sterk stijgende biggenkosten drukten rendement
De belangrijkste oorzaak van het oplopende verlies lag bij de sterk stijgende aankoopkosten van biggen. Deze namen toe van 51.100 euro in januari naar 82.300 euro in maart, een stijging van ruim 61%. Dit was het gevolg van de forse stijging van de biggenprijs, die opliep van 36,50 euro per big in januari naar 60 euro per big in maart. De voerkosten stegen in dezelfde periode licht, van 97.800 euro naar 98.800 euro. De overige toegerekende kosten daalden licht naar 23.900 euro, maar bleven wel boven het niveau van 2025.



Marges bleven onder druk ondanks prijsherstel  
De vleesvarkensprijs herstelde onvoldoende om de fors hogere oplegkosten te compenseren. Waar vleesvarkenshouders begin 2025 nog profiteerden van aanzienlijke marges, is dat voordeel inmiddels volledig verdwenen. Het voortschrijdend jaarsaldo stond hierdoor verder onder druk en bleef onder het langjarig gemiddelde. Vleesvarkenshouderijen blijven daarmee voorlopig opereren in een markt waarin prijsherstel aan de opbrengstenkant nog onvoldoende doorwerkt om de oplopende kosten te compenseren.






Referenties


Barometer: resultaten per maand - Zeugenhouderij

Saldo zeugenhouderij herstelde sterk in eerste kwartaal
30-4-2026

Na de verlieslatende start van 2026 veerde het saldo in de zeugenhouderij in het eerste kwartaal duidelijk op.

Eind januari was er sprake van een negatief saldo van 16.700 euro voor het standaardzeugenbedrijf (870 zeugen). In februari verbeterde het saldo naar 3.400 euro, en in maart steeg het verder door naar 39.900 euro. Daarmee verbeterde het saldo in twee maanden tijd met ruim 56.000 euro. Ondanks dit herstel lag het saldo nog wel duidelijk onder het niveau van maart 2025, toen een saldo van ruim 83.600 euro werd gerealiseerd.

Opbrengsten trokken fors aan door herstel biggenmarkt 
De belangrijkste reden voor het herstel van het saldo was hogere opbrengsten. In januari bedroegen de opbrengsten 93.800 euro. In maart liepen de opbrengsten op naar 151.700 euro (een stijging van bijna 62%). Deze verbetering hing direct samen met het sterke herstel op de biggenmarkt. Na de aanzienlijke prijsdruk van eind 2025 trokken de biggenprijzen vanaf februari snel aan door een combinatie van seizoensmatige krappere beschikbaarheid en toenemende vraag vanuit binnen- en buitenland. Omdat de biggenverkoop de grootste opbrengstenpost vormt binnen de zeugenhouderij, vertaalde deze prijsstijging zich direct in een hoger saldo.

Kosten bleven hoog, maar stabiliseerden
Aan de kostenkant bleef het beeld relatief stabiel. De aankoopkosten van biggen namen licht toe, van 12.400 euro in januari naar 14.000 euro in maart. De voerkosten stegen beperkt door, van 62.600 euro naar 63.400 euro, waarmee ze op een hoog niveau bleven. Een positieve ontwikkeling is dat de overige toegerekende kosten daalden van 35.600 euro in januari naar 34.300 euro in maart, nadat deze aan het begin van dit jaar aanzienlijk waren opgelopen. Daarmee lijkt de uitzonderlijke kostenpiek van januari voorlopig afgevlakt te zijn.



Voortschreidend saldo verbeterde, maar niveau bleef kwetsbaar
Het herstel in maart liet zien dat de zeugenhouderij na een moeilijke winterperiode weer perspectief kreeg. De combinatie van stijgende opbrengsten en stabiliserende kosten zorgde ervoor dat het saldo opnieuw ruim in de plus kwam. Het saldo lag nog wel ruim onder de topniveaus van voorjaar 2025. De markt blijft gevoelig voor prijsschommelingen.



Referenties
  • Prijzeninformatiedesk, Agrarische prijzen
  • BINternet: Technisch resultaat, prijzen en saldo (exclusief btw) en kengetallen van zeugenbedrijven.
  • Agrimatie: Prijs van biggen
  • Het gestandaardiseerde bedrijf heeft 920 gemiddeld aanwezige zeugen. Meer informatie over de uitgangspunten is opgenomen bij de toelichting op deze indicator
  • De figuren kunnen vergroot worden door onder de figuur op het icoontje te klikken. In de vergrote figuur zijn de assen en legenda&39;s zichtbaar en kan soms ook een andere variabele worden geselecteerd. Een toelichting bij de figuren is opgenomen bij de toelichting op de indicator. 



Meer informatie
Toelichting indicator
Thema omschrijving
Beleidsinformatie
Archief


Naar boven