Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

Agrimatie > Thema's > Economisch resultaat
     
Economisch resultaat
Kies een indicator
Kritieke melkprijs - Melkveehouderij

Stijgende kritieke melkprijs slecht voor de veerkracht
17-7-2015

Produceren in een quotumvrije wereld met naar verwachting meer schommelingen in de melkprijs vraagt van ondernemers dat ze beter inzicht hebben in waar kritieke grenzen liggen. Het kritieke melkprijskengetal voor de korte termijn en de lange termijn kan daarbij helpen. De kritieke melkprijs geeft informatie over de melkprijs die je als melkveehouder nodig hebt om je bedrijf draaiende te houden.

De berekeningen van de beide kengetallen voor de Nederlandse melkveehouderij sector laten drie zaken zien:
  • De kritieke melkprijs is de afgelopen tijd gestegen en daarmee lijkt de concurrentiekracht van de melkveehouderij te zijn afgenomen. Dat maakt de sector kwetsbaarder voor schommelingen in de melkprijs. Oorzaken zijn de gestegen voerkosten en de investeringen die er de afgelopen jaren zijn gedaan.
  • De kritieke melkprijs op de korte termijn is het laagst voor de kleine bedrijven (circa 23 eurocent/kg melk). Voor de bedrijven groter dan 50 koeien ligt de  kritieke melkprijs op de korte termijn op ruim 27 eurocent, ongeacht de bedrijfsgrootte. De kleine bedrijven zijn dus minder kwetsbaar voor melkprijsfluctuaties dan wel wordt gedacht. Bovendien scoren grotere bedrijven niet beter dan middelgrote als het gaat de kritieke melkprijs. Bij een melkprijs die onder de 30 eurocent zakt, heeft meer dan een derde van de bedrijven een probleem.
  • De kritieke melkprijs op de langere termijn is het laagst voor grote bedrijven. Voor het behoud van de rentabiliteit op de langere termijn en de continuïteit is schaalvergroting een aan te bevelen strategie, ook al maakt het bedrijven niet minder kwetsbaar voor melkprijsschommelingen op de korte termijn.

Wat is de basisgedachte? De kritieke melkprijs geeft zoals gezegd informatie over de melkprijs die je als melkveehouder nodig hebt om je bedrijf draaiende te houden. Een kritieke melkprijs is iets anders dan een kostprijs. Bij de kostprijs wordt gekeken naar de ingerekende beloning van de productiefactoren (arbeid, grond en kapitaal) en alle overige kosten die samenhangen met de productie van melk. Bij de kritieke melkprijs wordt gekeken naar de melkprijs die minimaal nodig is om als bedrijf aan je verplichtingen te voldoen en ook nog redelijk te kunnen leven. Dat laatste wordt meegenomen door in plaats van met een ingerekende beloning voor de arbeid te werken met een normatief bedrag van de gezinsbestedingen.

Tegen deze achtergrond zijn er twee soorten kritieke melkprijzen te onderscheiden:
  1. De kritieke melkprijs benaderd vanuit een langeretermijnperspectief. De vraag die dan centraal staat is welke melkprijs minimaal nodig is om de continuïteit van het bedrijf op de langere termijn te kunnen waarborgen.
  2. De kritieke melkprijs bezien vanuit de korte termijn. De vraag die dan centraal staat is welke melkprijs nodig is om op korte termijn aan je betalingsverplichtingen te kunnen voldoen. Deze kritieke melkprijs is belangrijk als het gaat om inzicht krijgen in het kunnen opvangen van de gevolgen van kortdurende prijsfluctuaties.

In het vervolg worden de kritieke melkprijs op de korte en lange termijn nader gedefinieerd (zie indicator toelichting) en uitgerekend voor de Nederlandse melkveehouderij.

De kritieke melkprijs is in de periode 2010-2013 gestaag toegenomen. Dit komt enerzijds doordat de voerkosten vanaf 2011 sterk zijn gestegen. Ook de meeste andere kosten zijn toegenomen, waaronder de kosten die samenhangen met de investeringen die in de afgelopen periode zijn gedaan. De kritieke melkprijs laat voor de meeste grootteklassen eenzelfde ontwikkeling in de tijd zien. Een uitzondering zijn de melkveebedrijven met minder dan 50 koeien: voor die bedrijven neemt de  kritieke melkprijs op de korte termijn het minst toe of zelfs af tussen 2012 en 2013. De oorzaak is een sterke toename van de inkomsten van buiten het bedrijf voor deze categorie (+2 euro per 100 kg melk).


Schaalvoordelen en veerkracht
Een populaire opvatting is dat, vanwege schaalvoordelen in de melkproductie, de kritieke melkprijs, ofwel de vergoeding die nodig is om aan alle betalingsverplichtingen te voldoen, lager wordt naarmate de omvang van de melkveehouderijbedrijven toeneemt. Voor wat betreft kritieke kostprijs op de lange termijn is dit patroon ook duidelijk zichtbaar. Als het gaat om strategische keuzes met betrekking tot de ontwikkeling van het bedrijf is schaalvergroting dan ook een aantrekkelijke bedrijfsstrategie om ervoor te zorgen dat een concurrerende kostprijs (ofwel relatief lage kritieke melkprijs op de lange termijn) wordt gerealiseerd. Dit is cruciaal voor de bedrijfscontinuïteit op langere termijn.


Wanneer echter wordt gekeken naar de kritieke melkprijs op de korte termijn, dan ligt het verband niet zo eenduidig. Die kritieke melkprijs is het hoogst voor bedrijven met een veestapel in de klasse met 100 tot 150 melkkoeien. De relatief kleine bedrijven (veestapel kleiner of gelijk aan 50 koeien) hebben de laagste kritieke melkprijs op de korte termijn (23,0 eurocent per liter). Dit wordt mede veroorzaakt door de relatief grote bijdrage van inkomsten van buiten het bedrijf voor deze groep bedrijven. De relatief kleine bedrijven zijn dus minstens zo goed in staat om een periode van tijdelijk lage melkprijzen te overbruggen (veerkracht) dan de grotere bedrijven.

Een melkprijs lager dan 30 eurocent geeft problemen voor aanzienlijk deel van de bedrijven
Minstens zo belangrijk als de variatie tussen bedrijfsklassen is de variatie binnen bedrijfsklassen. De kritieke melkprijs op de korte termijn is op de kleinere bedrijven (<50 melkkoeien) erg laag. Dit wordt veroorzaakt door het inkomen van buiten bedrijf dat de kritieke melkprijs met 6,5 euro per 100 kg verlaagt. Voor 50% van die bedrijven geldt dat ze een kritieke melkprijs op de korte termijn hebben van 25 eurocent of minder (per kg melk).




Op de langere termijn is het perspectief voor deze bedrijven somber (60% van de kleine bedrijven heeft een kritieke melkprijs op de lange termijn die 40 eurocent of meer bedraagt). Circa twee derde van de bedrijven met een veestapel in de range van 50 tot 100 koeien heeft een kritieke melkprijs op de korte termijn van 30 eurocent of minder. Voor de bedrijven met een veestapel in de range van 100-150 koeien is dit ongeveer 55%. Voor bedrijven met 150 koeien of meer geldt dat twee derde een kritieke melkprijs op de korte termijn heeft van 30 eurocent of minder. Zoals de figuur laat zien, komen er bij een melkprijs die onder de 30 eurocent zakt een niet gering percentage op korte termijn in de problemen (gemiddeld circa 35%). Op de lange termijn is dit zelfs 85%. Een melkprijs van 30 eurocent is bijna 40% hoger dan de vangnetprijs van 21,5 eurocent, waarbij EU-interventie actief zal worden.

Over de afgelopen tien jaren zijn er soms meerdere jaren dat de gemiddelde melkprijs rond of zelfs onder de 30 eurocent ligt. De laatste vijf jaren lag dit hoger, namelijk tussen de 35 en ruim 40 eurocent. Over de eerste zes maanden van 2015 is dit 31,70 eurocent (met een ingeschatte nabetaling). Momenten met een melkprijs onder de 30 eurocent zijn dus allesbehalve denkbeeldig. Voor een groot deel van de bedrijven is het goed om daar rekening mee te houden en voorzieningen te treffen om dergelijke risico’s te managen.

Onderstaande figuur laat voor het jaar 2013 de verdeling van de kritieke melkprijs (korte termijn en lange termijn) zien over alle melkveebedrijven die deelnemen aan het boekhoudnet. Ook deze figuur onderstreept de grote variatie die er is tussen bedrijven wat betreft de hoogte van de kritieke melkprijs. Het aantal bedrijven met een kritieke melkprijs op de korte termijn onder de 30 euro/100 kg is voor 2013 circa 45%. De variatie tussen de bedrijven laat zien hoe goed ondernemerschap en adequaat financieel management kunnen helpen om de kritieke melkprijs te beheersen.


Grotere bedrijven scoren hoogst op toekomstbestendigheid
Bedrijven met 150 melkkoeien of meer scoren het gunstigst op de kritieke melkprijs op de lange termijn (deze is gemiddeld iets meer dan 35 eurocent). Volgens een recente studie (Jongeneel en Van Berkum, 2015) zal de melkprijs op de langere termijn zelfs nog wat hoger liggen dan 35 eurocent). Een lage kritieke melkprijs op de lange termijn geeft aan dat een bedrijf ook op langere termijn bij een lage melkprijs kan overleven en is daarom een teken van toekomstbestendigheid. Bovenstaande frequentieverdeling laat zien dat achter dit gemiddelde een behoorlijke spreiding zit. 'Groot' is geen automatische garantie op toekomstbestendigheid. Ook van de bedrijven met een veestapel tussen de 50 en 100 koeien heeft 37% een kritieke melkprijs op de lange termijn van 35 eurocent of minder en dus goede mogelijkheden om door te ontwikkelen. Maar de keerzijde is er ook: een aanzienlijk aantal bedrijven (gemiddeld circa 68%) heeft een kritiek melkprijs die hoger ligt dan 35 eurocent. Een deel van deze bedrijven slaagt er mogelijk toch nog in om zich door te ontwikkelen, maar een aanzienlijk deel van hen zal op enig moment in de toekomst de sector verlaten. 


Bovenstaande figuren laten zien dat er bij de gerealiseerde melkprijzen op korte termijn geen probleem is. Als de gerealiseerde melkprijs (gemiddeld 35,6 eurocent/kg) ook de referentiewaarde voor de lange termijn zou zijn, dan is er ongeacht de bedrijfsgrootteklasse een probleem omdat de kritieke melkprijs op de lange termijn in alle gevallen boven de gerealiseerde melkprijs ligt. Er is dus werk aan de winkel voor de toekomst. Ondernemers dienen daarbij naar een goede balans te zoeken tussen investeren voor later (bedrijfscontinuïteit) en het zorgen voor veerkracht voor vandaag (het kunnen opvangen van het risico op een lage melkprijs).

Kritieke melkprijs is geen geïsoleerd kengetal
De kritieke melkprijs is geen kengetal dat geïsoleerd moet worden bezien. De hoogte van de kritieke melkprijs wordt mede beïnvloed door de ontwikkeling van de voerkosten. Wanneer verder op die kosten wordt ingezoomd, blijkt dat het aandeel van de kosten voor veevoer (krachtvoer, aangekocht ruwvoer en/of natte bijproducten) in de kritieke melkprijs op de korte termijn op ongeveer 30% ligt en er weinig verschil is tussen de verschillende bedrijfsgroottes. Bij de operationele keuzes die een melkveehouder moet maken, ofwel bij de afweging van productiebeslissingen op de korte termijn, zijn naast de melkprijs de voerkosten daarom een belangrijke bepalende factor.


Kies een sector
Contactpersoon
Roel Jongeneel
070-3358176
 

Alles over
  • Algemeen
    >
  • Economie
    >
  • Maatschappij
    >
  • Milieu
    >
Referenties


Meer informatie
Toelichting indicator
Thema omschrijving
Beleidsinformatie
Archief



naar boven