Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

Agrimatie > Thema's > Economisch resultaat
     
Economisch resultaat
Kies een indicator
Inkomen uit bedrijf - Varkenshouderij

Inkomens varkensbedrijven fors omhoog dankzij prijsstijgingen
19-12-2016


In 2016 is het gemiddelde inkomen uit bedrijf flink gestegen dankzij fors hogere prijzen van biggen (+32%) en vleesvarkens (+8%). Ook aanwas nam toe doordat de dieren op de eindbalans veel meer waard zijn dan op de beginbalans. De voerkosten gingen omlaag, waardoor de betaalde kosten minder hard stijgen. Het geraamde gemiddelde inkomen uit bedrijf in 2016 komt door de gunstige prijsontwikkelingen uit op 107.000 euro per onbetaalde aje; het hoogste niveau in de afgelopen decennia. Het inkomen ligt daarmee ook ver boven het meerjarig gemiddelde van 2001-2015.



Voor de varkenshouderij is het verslagjaar 2016 uitstekend verlopen, vooral dankzij de tweede helft van het jaar. Het gemiddelde inkomen uit bedrijf zal in 2016 met 128.000 euro stijgen naar 107.000 euro per onbetaalde aje. Dat is te danken aan veel hogere opbrengsten bij iets hogere kosten per bedrijf, mede door meer dieren per bedrijf. Circa eenderde deel van hogere opbrengsten is veroorzaakt door hogere aanwas omdat de prijzen van biggen en vleesvarkens op de eindbalans veel hoger zijn dan op de beginbalans. De verkoopopbrengsten zijn ook sterk gestegen dankzij hogere opbrengstprijzen van vleesvarkens en biggen. Die prijsstijging was vooral het gevolg van een sterk gestegen vraag naar varkensvlees vanuit onder andere China.

Hogere kosten
De totale bedrijfskosten zijn ook gestegen in 2016, maar dat is vooral het gevolg van de grotere bedrijfsomvang. Het gemiddelde prijspeil is gedaald, vooral dankzij de 5% lagere voerprijzen. Ook de prijzen van elektriciteit en vreemd vermogen zijn gedaald. Daarentegen zijn de kosten voor gebouwen en mestafzet toegenomen. Vooral de prijzen voor afzet van varkensmest zijn in 2016 sterk gestegen (+15%) doordat vanaf het voorjaar erg hoge prijzen betaald worden tot wel 25 euro per ton. Naast varkensmest is er toenemend aanbod van rundveemest en zijn er onvoldoende installaties in gebruik om de mest te verwerken. Het grote aanbod van mest zorgt voor de hoogste afzettarieven sinds 2000. Daardoor stijgen de totale mestkosten met 15% tot 52.000 euro per gemiddeld varkensbedrijf. De totale stijging van de betaalde kosten is 26.000 euro.

Het inkomen herstelt in 2016 van het prijsdal sinds medio 2014 en komt daardoor boven het meerjarig gemiddelde van 2001-2015. In de afgelopen twee decennia waren 2005-2006 en 2012-2013 ook jaren met gunstige inkomens, maar die worden nu ruim overtroffen door het lopende verslagjaar. Tussendoor waren er ook veel magere jaren waarin werd ingeteerd op het eigen vermogen en veel bedrijven hun productie moesten staken door slechte bedrijfsresultaten of gebrek aan opvolgers. Die grote schommelingen van de inkomens hangen samen met zowel de verhouding in vraag en aanbod (de varkenscyclus) als andere factoren zoals grenssluitingen, voerprijsschommelingen en mestafzetkosten. Varkenshouders hebben de huidige prijspiek hard nodig om de opgelopen betalingsachterstanden over de afgelopen twee jaar in te lopen.


Binnen de totale groep varkensbedrijven zijn grote inkomensverschillen te zien. De biggenprijs speelt in de varkenssector een belangrijke rol bij de verdeling van winst en verlies tussen de verschillende subtypen. In 2016 realiseren de vleesvarkensbedrijven de kleinste toename van het inkomen (+59.000 euro per onbetaalde aje). De kosten voor biggen zijn ook sterk gestegen, waardoor het voordeel van hogere vleesvarkensprijzen grotendeels wordt afgeroomd. Vleesvarkenshouders wentelen via de biggenprijs een belangrijk deel van hun rentabiliteitsschommelingen af op de biggenleveranciers. Een belangrijk deel van de inkomenstoename is te danken aan de hogere aanwas doordat de waarde van biggen en vleesvarkens op de eindbalans 2016 veel hoger is dan op de beginbalans. In 2015 was de aanwas per saldo iets negatief. De 32% prijsstijging van biggen zorgt ervoor dat de grootste inkomensstijging wordt genoteerd bij de zeugenbedrijven. Die inkomens stijgen van 60.000 euro negatief naar 130.000 euro per onbetaalde aje in 2016. Ook de inkomens op gesloten varkensbedrijven gaan flink omhoog, waardoor die varkenshouders een inkomen behalen van gemiddeld 126.000 euro per onbetaalde aje. Hun inkomen ligt daarmee bijna op hetzelfde niveau als van de zeugenbedrijven omdat ze wel het voordeel hebben van de 8% hogere vleesvarkensprijzen, maar niet het nadeel van de hogere biggenprijzen.

Binnen de totale groep varkensbedrijven zijn grote inkomensverschillen te zien. De biggenprijs speelt in de varkenssector een belangrijke rol bij de verdeling van winst en verlies tussen de verschillende subtypen. In 2015 realiseren de vleesvarkensbedrijven nog een positief inkomen van 26.000 euro per onbetaalde aje doordat de kosten voor biggen bijna even sterk dalen als de opbrengsten van vleesvarkens. Vergeleken met voorgaand jaar worden de opbrengsten in 2015 ook niet gedrukt  door een negatieve aanwas. De 20% prijsdaling van biggen is echter ook de oorzaak van de forse inkomensdaling op zeugenbedrijven. Die inkomens dalen met 90.000 euro naar 74.000 euro negatief per onbetaalde aje in 2015. Ook de inkomens op gesloten varkensbedrijven dalen, waardoor die varkenshouders geconfronteerd worden met een negatief inkomen van gemiddeld 42.000 euro per onbetaalde aje. Hun inkomen ligt daarmee tussen die van de zeugenbedrijven en vleesvarkensbedrijven omdat ze wel het nadeel hebben van de 10% lagere vleesvarkensprijzen, maar niet het voordeel van de 20% gedaalde biggenprijzen.

 

Erratum: Begin mei 2016 bleek een foutieve waardering van de veestapel op varkensbedrijven per 31 december 2014 te zijn meegegeven. De resultaten van de groepen varkensbedrijven voor 2014 en de raming 2015 zijn daarom per 26 mei aangepast. Voor de varkensbedrijven betekent dat een gemiddelde negatieve aanpassing van ongeveer 10.000 euro per onbetaalde aje voor 2014 en een gemiddelde positieve aanpassing van ongeveer 10.000 euro per onbetaalde aje voor 2015.


Kies een sector
Contactpersoon
Harold van der Meulen
0317-484436
 

Alles over
  • Algemeen
    >
  • Economie
    >
  • Maatschappij
    >
  • Milieu
    >
Referenties


Meer informatie
Toelichting indicator
Thema omschrijving
Beleidsinformatie
Archief



naar boven