Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

Agrimatie > Thema's > Duurzaamheid
     
Duurzaamheid
Kies een indicator
In- en extensieve bedrijven - Melkveehouderij

Wat zijn verschillen in duurzaamheidsprestaties tussen intensieve en extensieve melkveebedrijven?
20-8-2026

Om de vraag in de titel te beantwoorden wordt in dit artikel een vergelijking gemaakt tussen extensieve en intensieve (uitgedrukt in kg melk per hectare) gangbare melkveebedrijven. De grens hiertussen ligt op 17.000 kg meetmelk per ha cultuurgrond. Biologische melkveebedrijven zijn niet in deze vergelijking meegenomen. Deze vergelijking betreft gemiddelden over de periode 2022 tot en met 2024. Op die manier zijn de resultaten minder afhankelijk van jaarinvloeden. 



Bedrijfsopzet: intensieve bedrijven zijn groter in aantallen koeien en totale melkproductie
Wat direct opvalt, is dat de intensieve bedrijven gemiddeld 45 koeien (48%) in omvang groter zijn terwijl de omvang in areaal cultuurgrond met 5% hoger is en minder afwijkt (tabel 1). De totale melkproductie per bedrijf is ruim 72% hoger op de intensieve bedrijven. Er is dus een duidelijk verschil zichtbaar in de omvang van de bedrijven tussen beide groepen en het is bekend dat omvang een sterke invloed heeft op het economisch bedrijfsresultaat. Verder valt op dat extensieve bedrijven een significant hoger aandeel grasland, een lager aantal grootvee eenheden (gve) per ha en hogere jongveebezetting hebben. Tenslotte is op extensieve bedrijven zowel het aandeel bedrijven met een bedrijfshoofd jonger dan 50 jaar of met opvolger en het aandeel bedrijven met een melkrobot lager.

Bedrijfsvoering: extensief lagere melkproductie, meer weidegang, hogere vervanging
Tabel 1 laat ook verschillen in de bedrijfsvoering zien tussen intensief en extensief: de melkproductie per koe is 16% hoger op de intensieve bedrijven. Het aantal uren weidegang is bijna de helft in vergelijking met de extensieve bedrijven. Verder valt op dat het vervangingspercentage (significant) lager is op de intensieve bedrijven en het antibioticagebruik juist hoger (deze is niet significant hoger). Er zijn kleine verschillen in grondsoort: de extensieve bedrijven hebben iets vaker de grondsoort veen, terwijl de intensieve bedrijven iets vaker op zandgrond liggen.

Tabel 1 Bedrijfsopzet melkveebedrijven naar hoogte melkproductie per hectare, 2022-2024
extensiefintensieftotaalsign.
Aantal bedrijven populatie (per jaar)5.9166.77912.694
Bedrijfsopzet
Aantal koeien92137116**
Aantal ha cultuurgrond596462
Aantal gve per ha1,92,52,3**
Jongveebezetting (per 10 melkkoeien)5,85,25,4**
Aandeel grasland888385**
Melkproductie per bedrijf (x 1.000 kg)8181.4061.132**
Melkproductie per ha voedergewassen (x 1.000 kg)13,821,918,3**
Aandeel bedrijven met melkrobot374843*
Aandeel bedrijven met bedrijfshoofd jonger dan 50 of met opvolger626865
Aandeel biologisch000
Bedrijfsvoering
Melkproductie per koe (kg)8.87510.2789.759**
Krachtvoer per koe (kg)2.3012.7492.583**
Aandeel in totale rantsoen, van snijmaĆÆs172220**
Weidegang (uur per koe per jaar)1.4417621.054**
Vervangingspercentage melkkoeien (%)232222*
Antibiotica gebruik (dierdagdoseringen per dierjaar)0,40,50,4
Aandeel klei (%)313131
Aandeel loss (%)111
Aandeel veen (%)20914**
Aandeel zand (%)485954*
Significantie verschil extensief-intensief: *= P<0.05, **= P<0.01
Bron: Bedrijveninformatienet.

Economie: extensief lager inkomen, grotendeels verklaarbaar door verschil in omvang
Het (bruto-)inkomen uit bedrijf van de extensieve groep melkveebedrijven is bijna 28.000 euro per onbetaalde aje lager dan van de intensieve groep (tabel 2). Uit dezelfde tabel valt ook op te maken dat de extensieve bedrijven een hogere kostprijs en kritieke melkprijs hebben waarbij de laatste niet significant verschilt. De ontvangen melkprijs is iets hoger bij de extensieve bedrijven (maar niet significant verschillend). Het verschil wordt waarschijnlijk voor een groot deel veroorzaakt door de weidegangpremie. Verder valt op dat alle genoemde toegerekende kosten per koe op de extensieve bedrijven iets lager zijn en dat de solvabiliteit (zie toelichting indicator onderaan dit artikel voor definitie) hoger is. Ook zijn de opbrengsten uit recreatie en natuurbeheer hoger op de extensieve bedrijven. De opbrengsten en saldo per koe zijn lager op de extensieve bedrijven. Ondanks de hogere betaalde kosten per koe op de intensieve bedrijven is het inkomen uit bedrijf hoger door het schaaleffect.

Tabel 2 Economie melkveebedrijven naar hoogte melkproductie per hectare, 2022-2024 (euro tenzij anders vermeld)
extensiefintensieftotaalsign.
Melkprijs525152
Kostprijs melk635357**
Kritieke melkprijs504849
Diergezondheidskosten per koe119138131**
Opbrengsten per koe5.3735.8115.648**
Voerkosten per koe1.2211.5461.426**
Mestafzetkosten per koe2511783**
Betaalde kosten plus afschrijving per koe4.1134.5194.369**
Saldo per koe3.0333.2773.187**
Inkomen uit bedrijf117.410178.120149.830**
Idem per onbetaalde aje70.60098.20085.930**
Solvabiliteit807577**
Opbrengsten uit recreatie en natuurbeheer5.3202.3803.750**
Significantie verschil extensief-intensief: *= P<0.05, **= P<0.01
Bron: Bedrijveninformatienet.

Structuurverschillen zijn een belangrijke oorzaak van een lager inkomen uit het bedrijf. Als de grootste (>150 koeien) en kleinste (<80 koeien) bedrijven worden weggelaten, dan blijkt dat het verschil in inkomen tussen beide groepen ruim gehalveerd is en niet significant verschilt (zie Tabel 3). De melkproductie per koe en per bedrijf zijn dan wel respectievelijk 14 en 20% lager op de extensieve bedrijven maar de kosten per koe liggen ook 9% lager. Per saldo dus wel een inkomensnadeel, mede omdat de extensieve bedrijven 7% minder koeien houden dan de intensieve bedrijven. De verschillen tussen beide groepen melkveebedrijven zijn over het algemeen kleiner dan zonder het toepassen van deze selectie.

Tabel 3 Economie melkveebedrijven naar hoogte melkproductie per hectare groter dan 80 en kleiner dan 150 melkkoeien 2022-2024 (euro tenzij anders vermeld)
extensiefintensieftotaalsign.
Aantal bedrijven populatie (per jaar)2.2203.4605.670
Melkprijs525252
Kostprijs melk655759*
Kritieke melkprijs514949*
Diergezondheidskosten per koe121141134*
Opbrengsten per koe5.2045.8075.581**
Voerkosten per koe1.2081.5081.396**
Mestafzetkosten per koe2211077**
Betaalde kosten plus afschrijving per koe4.0704.4764.324**
Saldo per koe2.9363.2693.145**
Inkomen uit bedrijf122.530150.900139.810
Idem per onbetaalde aje71.92086.73081.010
Solvabiliteit787878
Recreatie en natuurbeheer5.7801.8403.380
Kg meetmelk (x 1.000 kg)9241.1511.062**
Melkproductie per koe8.78010.1839.658**
Significantie verschil extensief-intensief: *= P<0.05, **= P<0.01
Bron: Bedrijveninformatienet.

Duurzaamheid: intensief scoort beter op carbon footprint en fosfaatoverschot, extensief op ammoniak per ha en eiwit eigen land
In tabel 4 worden de scores op duurzaamheid met elkaar vergeleken. Ten aanzien van KPI keuze is zoveel mogelijk aangesloten bij het KPI K-project (De integrale KPI-kernset Duurzame Landbouw: uitwerking voor melkveehouderij en akkerbouw: https://edepot.wur.nl/711205).

Tabel 4 Verschillen in duurzaamheidsprestaties (o.b.v. de integrale KPI-kernset) van melkveebedrijven ingedeeld naar hoogte van de melkproductie per hectare 2022-2024
extensiefintensieftotaalsign.
Bedrijven in de BIN steekproefAantal151178329
Bedrijven in de vertegenwoordigde populatie (per jaar)Aantal5.9166.77912.694
KPI onderwerpKPI indicator
Stikstofoverschot—N bodemoverschot per ha (kg)167152159
Ammoniak—NH3 emissie bedrijf per ha in kg NH350,5 (p)62,4 (n)57,1**
NH3-emissie veld per ha in kg NH329,7 (p)32,4 (n)31,2*
NH3-emissie stal en opslag per benodigd fosfaatrecht in kg NH30,260,260,26
Fosfaatoverschot—P2O5 overschot per ha (kg)4,1 (n)-3,9(p)-0,30**
Circulariteit—Eiwit van eigen land (%)63 (p)52 (n)56**
Aandeel circulaire meststoffen67 (p)65 (n)66**
BodembedekkingBlijvend grasland (%)88 (p)83 (n)85**
Broeikasgassen—Carbon footprint per kg meetmelk (gram CO2-eq) (ketenbenadering)1.208 (n)1.045(p)1.100**
BKG NIR dier-stal-mest per benodigd fosfaatrecht (melkvee) (gram CO2-eq)104104104
BKG NIR bodem per hectare (gram CO2-eq)1.6571.6221.638
EnergieMJ energieproductie / MJ energieverbruik1,72,22
% hernieuwbare energie262626
GewasbeschermingMilieubelastingspunten per ha103134120
Organische stof—Organische stof aanvoer (kg / ha)5.3505.4715.417
Dierenwelzijn en diergezondheidLevensduurKPI nog niet beschikbaar voor BIN bedrijven
Antibioticagebruik0,370,480,43
Weidegang (uur per koe per jaar)1.441 (p)762 (n)1.054**
Kalf OK scoreKPI nog niet beschikbaar voor BIN bedrijven
WaterbalansKPI nog niet beschikbaar voor BIN bedrijven
GewasdiversiteitKPI nog niet beschikbaar voor BIN bedrijven
Natuur en landschapKPI nog niet beschikbaar voor BIN bedrijven
Significantie verschil extensief-intensief:*= P<0.05, **= P<0.01
Bron: Bedrijveninformatienet.
KPI’s met — zijn berekend met de Kringloopwijzer op basis van gegevens vastgelegd in het Bedrijveninformatienet
In geval van significante verschillen staat (p) voor de betere prestatie en (n) voor de mindere prestatie

Overall beeld:
De tabel laat zien dat nog niet alle KPI’s zijn uit te rekenen voor de Bedrijveninformatienet (BIN) bedrijven, bijvoorbeeld omdat de benodigde gegevens nog niet zijn vastgelegd in het BIN. Er is dus nog geen sprake van een volledige beoordeling op de integrale kernset. De extensieve bedrijven scoren significant beter op de ammoniakemissie per hectare (zowel bedrijf als veld), op de circulariteits KPI’s eiwit eigen land en aandeel circulaire meststoffen, op het aandeel blijvend grasland en op weidegang. De intensieve bedrijven scoren juist significant beter op het fosfaatoverschot en de carbon footprint per kg meetmelk. Op de andere KPI’s is geen sprake van significante verschillen tussen de groepen.

Emissies:
Ammoniak: Ammoniakemissie uit stallen en mestopslagen uitgedrukt per benodigd fosfaatrecht verschilt niet significant tussen de groepen. In dit getal komt het netto effect van rantsoenmaatregelen, beweiding en stalmaatregelen tot uiting. Hierin lijkt dus netto geen substantieel verschil tussen de groepen. De veldemissie van ammoniak per hectare is lager op de extensieve bedrijven. Hier kunnen bijvoorbeeld verschillen in beweiding (meer beweiding is minder emissie) of in bemestingsniveau (minder mest is minder emissie) aan ten grondslag liggen. De bedrijfsemissie per hectare is significant lager op de extensieve bedrijven. Dit komt, naast bovengenoemde verschillen, ook door verschillen in de mate van grondgebondenheid.

Broeikasgassen: De carbon footprint heeft betrekking op emissies inclusief de aanvoerketen. Door de zuivelketen wordt op dit getal gestuurd. De hogere carbon footprint per kg meetmelk op de extensieve bedrijven wordt deels veroorzaakt door de lagere melkproductie per koe. Het vaste emissiedeel per koe (onderhoudsvoer) wordt dan over minder melk verdeeld. Ook bevat het rantsoen minder snijmais op de extensieve bedrijven en snijmais verlaagt over het algemeen de methaanemissie. Dit wordt niet volledig gecompenseerd door lagere emissies in de aanvoerketen bij productie van kunstmest en krachtvoer bij de extensieve bedrijven. De andere twee broeikasgas KPI’s hebben alleen betrekking op de emissies die op het bedrijf plaatsvinden en vallen in de categorie landbouw (met name methaan en lachgas). Hierop wordt de Nederlandse overheid beoordeeld. Deze verschillen beiden niet significant tussen de twee groepen.

Andere KPI’s:
• De extensieve bedrijven scoren significant beter op eiwit van eigen land. Ze zijn meer grondgebonden en halen dus een groter deel van het voer (en ook het eiwit) van eigen land. Ook op het aandeel circulaire meststoffen scoren de extensieve bedrijven beter omdat het aandeel kunstmest in de bemesting kleiner is. Ook is het aandeel blijvend grasland significant hoger op de extensieve bedrijven.
• Het stikstofbodemoverschot is hoger voor de extensieve bedrijven. Dit kan te maken hebben met het hogere aandeel veengrond. Het verschil is niet significant.
• Er wordt relatief minder energie geproduceerd op extensieve bedrijven maar dit verschil is niet significant.
• Doordat bij snijmais vaak meer gewasbeschermingsmiddelen gebruikt worden dan bij gras en het aandeel gras hoger is bij de extensieve bedrijven, leidt dit tot een lagere middeleninzet en tot een lagere milieubelasting per hectare op de extensieve bedrijven. Deze is echter ook niet significant verschillend.
• Extensieve bedrijven scoren significant beter op weidegang.

Effect weglaten grootste en kleinste bedrijven:
De resultaten op duurzaamheid veranderen als de grootste (>150 koeien) en kleinste (<80 koeien) bedrijven worden weggelaten uit de analyse. De significantie van de verschillen tussen de groepen wordt in een aantal gevallen kleiner. De kengetallen energiebalans en aandeel hernieuwbare energie zijn dan wel significant verschillend: de intensieve bedrijven scoren op beide kengetallen gunstiger. Bij de ammoniak KPI’s en het aandeel blijvend grasland zijn de verschillen juist niet meer significant als de grootste en kleinste bedrijven worden weggelaten.









Kies een sector

Meer informatie over dimensies
  • Algemeen
    >
  • Economie
    >
  • Maatschappij
    >
  • Milieu
    >
Referenties
Reijs et al., 2026. De integrale KPI-kernset Duurzame Landbouw: uitwerking voor melkveehouderij en akkerbouw.  https://edepot.wur.nl/711205.

Meer informatie
Toelichting indicator
Thema omschrijving
Beleidsinformatie
Archief



naar boven