Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

Agrimatie > Thema's > Structuur
     
Structuur
Kies een indicator
Biologische landbouw - Land- en tuinbouw

Lichte afname aantal biologische land- en tuinbouwbedrijven
8-12-2025

Het aantal gecertificeerde biologische land- en tuinbouwbedrijven is in 2025 ten opzichte van 2024 met 1% afgenomen tot 1.912 bedrijven (CBS, 2025c). Het totale areaal biologisch gecertificeerde cultuurgrond is gegroeid met 2,8% tot 86,7 duizend ha. Dit betekent dat bedrijven in omvang zijn toegenomen. Deze toename komt vooral door een groei in het areaal biologisch gecertificeerd grasland.

Een belangrijk criterium voor het meten van de groei van de biologische sector is het aandeel biologisch landbouwareaal in het totale areaal landbouwgrond. Dit criterium wordt ook gehanteerd in de doelstelling die is geformuleerd in het Actieplan voor groei van biologische productie en consumptie: ā€˜van 4 procent biologisch landbouwareaal in 2021 naar 15 procent in 2030’ (LNV, 2022a). Deze doelstelling ligt lager dan die van de Europese Commissie. In de Farm to Fork-strategie is vastgelegd dat in 2030 ten minste 25% van het Europese landbouwareaal biologisch moet zijn. In 2022 lag het gemiddelde aandeel biologisch landbouwareaal in de EU-lidstaten rond de 10% (Eurostat, 2024a).



Het aandeel gecertificeerd biologisch areaal in Nederland is in 2025 gegroeid tot 4,8% van het totale landbouwareaal. Het aandeel biologische bedrijven is met 4% gelijk gebleven binnen het totaal aantal landbouwbedrijven.

Bedrijven in omschakeling
Naast de biologisch gecertificeerde agrarische bedrijven zijn er agrarische bedrijven die nog in omschakeling zijn. Voor de omschakeling van landbouwgrond op certificaat zijn bedrijven verplicht om gedurende een periode van 2 Ć  3 jaar volgens de normen van de biologische landbouw te werken. In deze periode mogen zij hun producten nog niet als biologisch verhandelen. Dit proces vindt plaats onder toeziend oog van Skal Biocontrole. Omschakelen naar biologische productie kan ook zonder certificaat. Dit geven bedrijven aan in de gecombineerde opgave (CBS, 2025e). Aan het einde van het omschakelingstraject vindt een toetsing plaats uitgevoerd door Skal Biocontrole.

Een bedrijf kan naast zijn of haar gecertificeerde biologische grond een deel hebben dat in omschakeling of gangbaar is. Het is dus mogelijk dat binnen ƩƩn bedrijf meerdere landbouwmethoden worden toegepast.

Het aantal bedrijven gecertificeerd in omschakeling is in 2025 gedaald van 422 naar 414 en het areaal is daarmee ook afgenomen tot 6,4 duizend ha. Ook het aantal bedrijven in omschakeling zonder certificaat nam in 2025 af van 176 naar 163 bedrijven met daarbij een daling in het areaal tot 1,7 duizend ha.

Regionale verschillen
Regionaal zijn er verschillen in de omvang van de biologische land- en tuinbouwbedrijven. In vergelijking met andere provincies heeft Gelderland de meeste gecertificeerde biologische bedrijven (377 bedrijven) en bedrijven in omschakeling (77 bedrijven). Dat is bijna 20% van het totaal aantal biologisch gecertificeerde bedrijven en van het totaal aantal bedrijven in omschakeling. De provincies Friesland en Flevoland hebben de meeste biologisch gecertificeerde cultuurgrond (respectievelijk 12,5 duizend en 12,1 duizend ha). Overijssel heeft de meeste landbouwgrond in omschakeling op certificaat (900 ha) en Flevoland de meeste grond in omschakeling zonder certificaat (400 ha). Van alle provincies heeft Flevoland het hoogste aandeel biologisch gecertificeerde cultuurgrond (13,6%).

Veestapel
Ten opzichte van 2024 is in 2025 een daling zichtbaar in de biologische veestapel bij geiten, schapen en varkens. Na de sterke daling van 18% in 2024 is het aantal schapen opnieuw afgenomen, ditmaal met 7% tot iets minder dan 12 duizend dieren. Daarmee is het aantal biologische schapen sinds 2015 niet meer zo laag geweest. Blauwtong speelde hierbij nog steeds een rol, maar minder dan in 2024. Ook bij de geiten was de daling in 2024 groot (11%) en is het aantal opnieuw afgenomen met 2%. Ook in de totale veestapel (biologisch en gangbaar samen) zijn in 2025 deze dieren in aantallen afgenomen (CBS, 2025e).
De biologische rundveestapel groeit sinds 2015 door tot 88 duizend dieren in 2025. Ook het aantal biologische kippen is toegenomen met 5%. Hiermee wordt het niveau van vóór de vogelgriep bijna weer bereikt. Hoewel het aantal runderen en kippen in de biologische veestapel groeide, nam de totale veestapel (biologisch en gangbaar samen) in 2025 juist af ten opzichte van 2024 (CBS, 2025e).

Productieopbrengst per ha
De productie per ha in de biologische landbouw is over het algemeen lager omdat de biologische landbouw geen kunstmest en chemisch-synthetische gewasbeschermingsmiddelen mag gebruiken. Dit is bijvoorbeeld het geval voor consumptieaardappelen, zaaiuien en winterpeen.

De biologische opbrengst per ha voor consumptieaardappelen is in 2024 afgenomen met 11,1% tot 25,6 duizend kilogram. Voor zaaiuien was de opbrengst per ha in 2023 38 duizend kilogram. Dit is in 2024 afgenomen naar 31 duizend kilogram. De lagere opbrengsten per ha voor deze gewassen zijn vooral een gevolg van het natte voorjaar in 2024. Voor de totale productie (biologisch en gangbaar samen) was de opbrengst per ha voor de consumptieaardappelen afgenomen met 5,2%. Dat van zaaiuien was juist toegenomen met 2,4% tot 47 duizend kilogram.

Biologische spinazie brengt per ha juist meer op. Dit gewas leverde in 2024 voor biologische telers per ha 300 kilogram meer op dan bij de totale productie in Nederland. Voor suikerbieten is de productie per ha nagenoeg hetzelfde, deze was in 2024 rond de 45 duizend kilogram.

Omzet biologisch gecertificeerde landbouw
In 2024 was de totale omzet van biologisch gecertificeerde bedrijven 1,2 mld. euro. In dat jaar waren er ruim 550 gecertificeerde biologische melkveebedrijven. Melkveebedrijven hadden met 274 mln. euro (23,4%) het grootste aandeel in de totale omzet van biologisch gecertificeerde bedrijven, gevolgd door de leghennenbedrijven met een omzet van 102 mln. euro (8,7%). Uitgesplitst naar provincie had Gelderland in dat jaar het grootste aandeel van de totale omzet, namelijk 199 mln. euro (16,9%). Hierna volgden Flevoland met 177 mln. euro en Noord-Brabant met 128 mln. euro.





Kies een sector

Meer informatie over dimensies
  • Algemeen
    >
  • Economie
    >
  • Maatschappij
    >
  • Milieu
    >
Referenties
Deze tekst is afkomstig uit de publicatie Staat van Landbouw, Visserij, Voedsel en Natuur 2025. (Jellema et al., 2025); Rapport 2025-123.

De cijfers van het CBS kunnen afwijken van de cijfers van Skal Biocontrole. Dit komt door de ondergrens op SO (Standaardopbrengst) en het verschil in peildatum. Biologische landbouwbedrijven met een economische omvang lager dan 3.000 euro die wel door Skal Biocontrole zijn gecertificeerd zijn niet in deze cijfers opgenomen. De peildatum van de Landbouwtelling is 1 april en die van Skal Biocontrole is 31 december van het verslagjaar, dus dat is een verschil van 9 maanden.

Zie voor meer informatie ook de website: staatvanbiologisch.nl


Meer informatie
Toelichting indicator
Thema omschrijving
Beleidsinformatie
Archief



naar boven