Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

Agrimatie > Thema's > Economisch resultaat
     
Economisch resultaat
Kies een indicator
Saldo - Schapenhouderij

Hoger saldo per ooi door hogere prijzen
15-12-2025

In 2025 zijn er geen officiƫle meldingen gedaan van blauwtongbesmettingen in Nederland. De effecten van de uitbraken in de voorgaande 2 jaren zijn er nog wel. Er zijn problemen met de vruchtbaarheid, waardoor besmette dekrammen pas later ingezet kunnen worden. Ook worden de ooien minder snel drachtig of al drachtige krijgen een abortus. Hierdoor is het aanbod van lammeren wat verschoven naar later in het jaar, wat de dalende prijzen in de loop van 2025 zou kunnen verklaren.

De statistiekprijzen van slachtschapen en lammeren zijn in 2022 flink gestegen. In 2023 bleven ze gemiddeld redelijk vergelijkbaar maar in 2024 lagen ze 15% hoger voor de ramlammeren en ruim 30% voor de slachtschapen. Een lager (Europees) aanbod ligt hieraan ten grondslag. Blauwtong, lage winstmarges en sterfte onder de dieren door aanvallen van wolven en beperkter aanbod van landbouwgrond liggen aan dit lager aanbod ten grondslag. In 2025 zet de prijsstijging door met respectievelijk 22% en 17%. Daarmee liggen de prijzen voor zowel de ooien als de lammeren rond de 225 euro per stuk. In 2019 lagen ze respectievelijk op 89 euro en 103 euro. De stijging vond vooral plaats in de eerste helft van 2025; daarna daalden de prijzen licht en vervolgens waren ze vrij stabiel met soms een lichte toename. De oorzaak voor deze lichte daling komt doordat in 2024 veel weidelammeren uit Ierland zijn geïmporteerd die in de loop van 2025 op de markt zijn gekomen. De buitenlandse markt vraagt om kwaliteitsvlees en staat qua prijsvorming los van de binnenlandse markt. De exportprijzen namen over de eerste 6 maanden van 2025 met 9% toe in vergelijking met dezelfde periode een jaar eerder. Daarmee is de stijging minder groot dan op de binnenlandse markt. De voerkosten zijn met bijna 6% licht gedaald nadat de prijzen van het krachtvoer in 2024 al met 12% waren gedaald. In voorgaande jaren moesten de dieren binnen worden bijgevoerd met aangekocht ruwvoer vanwege de blauwtong. Dat was in 2025 niet meer nodig, waardoor de ruwvoerkosten dalen. De diergezondheidskosten zijn wat betreft de kosten van vaccinaties hoger dan in het voorgaande jaar. Er wordt vaker twee keer ingeënt tegen blauwtong in vergelijking met voorgaande jaren. De hogere prijzen van de dieren en de iets lagere kracht- en ruwvoerkosten leiden tot een hoger saldo, dat op een niveau van bijna 177 euro per ooi ligt en hiermee 47 euro meer bedraagt dan in 2024 en 67 euro boven het 5-jaarlijkse gemiddelde over de periode 2020-2024.
 



Handel en prijs
De exportprijs van het lamsvlees nam over de eerste 6 maanden van 2025 met 9% toe in vergelijking met dezelfde periode een jaar eerder. Daarmee is de stijging minder groot dan op de binnenlandse markt. In Nederland is het aantal schapen tussen 2020 en 2025 met een kwart afgenomen. Het aantal schapen neemt ook gestaag af in de ons omringende landen (in 2024 met bijna 2%), terwijl er wel vraag is naar lamsvlees. Spanje is het land met de grootste schapenstapel. Hiervan is de omvang tussen 2020 en 2024 met 13% afgenomen en deze afname nam 40% van de daling van de Europese schapenstapel (-4,9 mln. stuks) voor haar rekening. Italiƫ had daar als land met een kleinere schapenstapel een aandeel van 33% in. Daar is dan ook de schapenstapel met bijna een kwart afgenomen. De verwachting is dat de vraag de komende jaren gaat toenemen bij een afnemend Europees aanbod. Opvallend is dat veel schapenvlees dat in Nederland geproduceerd is naar het buitenland gaat en dat schapenvlees dat in Nederland wordt geconsumeerd veelal uit het buitenland komt (en voor een groot deel uit Nieuw-Zeeland). Door bovenstaande ontwikkelingen is er over de eerste 7 maanden van 2025 ruim 9% minder schapenvlees in Europa geproduceerd. Hierdoor importeerde Europa 20% meer ingevroren lamsvlees.


Resultaat
Het saldo in de schapenhouderij neemt in 2025 met 47 euro (+37%) toe tot 177 euro per ooi. Het saldo ligt hiermee ruim 67 euro boven het 5-jaarlijkse gemiddelde over de periode 2020-2024, De voerkosten zijn iets gedaald door een 2% lagere krachtvoerprijs en lager ruwvoergebruik van het aangekochte ruwvoer. Daarnaast zijn de prijzen van het ruwvoer (hooi) en kuilgras beide met circa 5% gedaald.


Kies een sector

Meer informatie over dimensies
  • Algemeen
    >
  • Economie
    >
  • Maatschappij
    >
  • Milieu
    >
Referenties
  • BINternet: saldo schapenhouderij
Toelichting berekening saldo:
Welke kosten zijn NIET meegenomen in het saldo per ooi?
1) Alle vaste en algemene kosten zoals bijv. de gestegen kosten voor rente, pacht over de laatste jaren, maar ook kosten van afschrijving en onderhoud van gebouwen zijn flink gestegen.
2) Wolfwerende maatregelen (maar ook de subsidies hiervoor zijn niet meegenomen).

Welke (toegerekende) kosten zijn WEL meegenomen in het saldo per ooi?
1) Dit zijn de voerkosten, diergezondheidskosten en overige toegerekende kosten (die laatste verzamelpost is < 20% van alle toegerekende kosten) hieronder vallen onder andere de kosten van nekplaatjes. Van andere kosten die hieronder vallen is geen omschrijving bekend.




Meer informatie
Toelichting indicator
Thema omschrijving
Beleidsinformatie
Archief



naar boven