Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

Agrimatie > Themes > Keten in beeld
     
Keten in beeld
Select an indicator
Structuur van de keten - Eieren

De eierketen in beeld
11/6/2019

De toegevoegde waarde van het pluimveecomplex in Nederland was in 2016 1,65 miljard euro. Het complex is het geheel van de primaire sector, verwerking en toelevering. Opgesplitst naar de deelsectoren is de bijdrage van het legpluimveecomplex 370 miljoen euro en het vleespluimveecomplex 1.280 miljoen euro. In 2017 werden op 1.920 pluimveebedrijven in totaal 105 miljoen stuks pluimvee gehouden. Het pluimveecomplex biedt werkgelegenheid aan 22.000 personen. Deze bijdrage beschrijft de keten van eieren.




Keten
De productieketen van eieren kent meerdere opeenvolgende schakels, die elk een gespecialiseerde taak voor hun rekening nemen. De keten is een samenspel van specialismen waarin fokkerij, vermeerderaar, broederij, leghennenhouder en pakstation/eiproductenfabrikant samenwerken. Onderstaande figuur geeft de hoofdlijnen van de keten. Bovenin staan de vermeerderingsbedrijven die broedeieren produceren. In de kuikenbroederijen worden de broedeieren uitgebroed tot eendagskuikens. Via gespecialiseerde opfokbedrijven komen de opfokhennen bij de leghennenhouders. In 2017 waren er in Nederland 860 bedrijven met leghennen waar bijna 35 miljoen leghennen in totaal 9.600 miljoen consumptie-eieren produceren. De eieren worden vervolgens geleverd aan eierpakstations en fabrikanten van eiproducten.

Export
In bijna elke schakel is export belangrijk. Broederijen exporteren broedeieren en eendagskuikens. Ook een deel van de opfokhennen wordt geëxporteerd naar de omringende landen. Pakstations zijn een belangrijk verzamelpunt voor de handel in eieren. Vanuit de pakstations is er export van consumptie-eieren (6.300 miljoen eieren) naar vooral Duitsland (80%), overige EU-landen (15%) en naar derde landen (5%). De import van consumptie-eieren (2.900 miljoen eieren) komt vooral uit Duitsland, België en Polen. De eiproductenfabrikanten importeren en exporteren eiproducten. Vloeibaar eiproduct wordt vooral verhandeld binnen Europa. Gedroogd eiproduct wordt verhandeld over langere afstanden; er is invoer uit de Verenigde Staten en Oekraïne en export naar onder andere Japan.

Houderijsystemen
Anticiperend op het verbod op het houden van leghennen in traditionele kooihuisvesting (vanaf 2012) hebben de Nederlandse leghennenhouders de omslag gemaakt naar alternatieve houderijsystemen. In 2018 was de verdeling van het aantal hennen per houderijsysteem als volgt: 13% van de hennen in verrijkte kooi-/koloniehuisvesting, 60% scharrelhennen (binnen gehouden), 19% scharrelhennen met vrije uitloop en 7% biologische hennen. Het aandeel hennen in systemen met een buitenuitloop is de laatste jaren gestaag gestegen. In 2013 was het aandeel vrije uitloop en biologisch respectievelijk 16 en 5%.

Markt
Van de totale Nederlandse eierproductie wordt circa een derde afgezet binnen Nederland. Consumptie-eieren worden vooral verkocht via de supermarkten. Er zijn geen exacte cijfers bekend van de marktaandelen voor de meerdere soorten eieren. Geschat wordt dat scharreleieren een aandeel hebben van 70 tot 75%. De overige eieren betreffen vrije uitloop en biologische eieren. Kooi-eieren worden niet aangeboden in de supermarkt. Er is afzet in kleine aantallen via weekmarkten of verkoop op de boerderij.

In 2017 is de markt verstoord geweest door fipronil, wat in diverse EU-landen gebruikt werd in stallen voor leghennen ter bestrijding van vogelmijten. In Nederland bleek op 363 bedrijven in een of meerdere stallen dit middel gebruikt te zijn. Maandenlange blokkades op stallen en vernietiging van grote hoeveelheden eieren hebben tot grote schade geleid voor de Nederlandse pluimveesector. De totale directe schade is geschat op 65 tot 75 miljoen euro (Van Horne et al., 2017). Het gevolg was hoge eierprijzen in het najaar van 2017 tot het voorjaar van 2018. Door het grote aanbod van eieren volgde daarna in de zomer van 2018 een periode van lage prijzen. Inmiddels zijn de prijzen in 2019 weer genormaliseerd.

Een ontwikkeling van meer recente datum is de opkomst van het Beter Leven keurmerk (BLk). Nederlandse supermarkten vervangen scharreleieren door eieren met een BLk met 1 ster, de uitloopeieren moeten een BLk hebben met 2 sterren. Verwacht wordt dat binnen 1 tot 2 jaar alle supermarkten uitsluitend eieren met een BLk zullen verkopen. De eieren met BLk 1 ster zijn dan geproduceerd in stallen met een overdekte uitloop; de eieren met BLk 2 sterren komen van bedrijven met een overdekte uitloop, met ook een vrije buitenuitloop met beschutting voor de hennen in de vorm van bomen, struiken of schuiltafels. Biologische eieren en eieren geproduceerd in de stalsystemen Rondeel en Kipster hebben een BLk met 3 sterren. Bij de internationale afzet spelen BLk-sterren (nog) geen rol.

Impact vogelgriep
De pluimveesector werd de afgelopen jaren meerdere malen getroffen door uitbraken van hoogpathogene vogelgriep. Er waren uitbraken in 2014, in 2016 en in de winterperiode 2017/2018. In de winterperiode 2018/2019 waren in Nederland geen uitbraken. Wel waren er in het voorjaar van 2019 in België meerdere uitbraken van een besmettelijke variant van het laagpathogene H3N1-virus. Deze uitbraken geven aan dat de pluimveesector en de overheid alert moeten blijven en adequaat moeten reageren op nieuwe ontwikkelingen. Het blijft belangrijk om bij een eventuele uitbraak snel en effectief op te treden. Het ruimen van pluimvee, de grote economische schade en het langdurig ophokken van leghennen hebben een grote impact op de pluimveehouders, het dierenwelzijn, de economie en het imago van de sector. De sector heeft in het voorjaar van 2019 een nieuw convenant afgesloten met het ministerie van LNV voor financiering van de bestrijdingskosten via het Diergezondheidsfonds. Ook is het rapport Roadmap, strategische aanpak vogelgriep verschenen (Avined, december 2018). Dit rapport, opgesteld door vertegenwoordigers van de sector, het ministerie van LNV en de Dierenbescherming, geeft aanbevelingen om het risico op uitbraken met vogelgriep te verkleinen. Concrete acties zijn nodig om het risico op uitbraken van vogelgriep te verminderen en de economisch gevolgen van een uitbraak te beperken.

Concurrentie
De Europese eiersector kan niet concurreren op kostprijs met lagekostenlanden zoals de Verenigde Staten, Argentinië, India en Oekraïne (Van Horne, 2019). De bedrijven in deze landen buiten de EU hebben voordelen van goedkoop veevoer (lokaal aanbod van grondstoffen als mais, tarwe en soja), schaalvoordelen (grote bedrijven) en goedkope arbeid. Daarnaast is er amper wet- en regelgeving voor dierenwelzijn, milieu en voedselveiligheid zoals die voor Europese bedrijven gelden. Deze verschillen leiden tot concurrentievoordelen en zijn deels terug te voeren op maatschappelijke voorkeuren die zich vertalen in meer of minder strenge regelgeving. Vooral de toegenomen import uit Oekraïne geeft zorgen in de sector. Dat in Oekraïne leghennen nog gehouden worden in traditionele kooihuisvesting met een hoge bezetting (dus een kleine leefoppervlakte per hen) illustreert dat er zeker geen sprake is van een gelijk speelveld. Oekraïne is een buurland van de EU met relatief korte afstanden tot de Europese markt. Daar komt bij dat in 2014 een handelsverdrag is afgesloten met de EU waardoor Oekraïne eieren en eiproducten kan exporteren zonder importheffingen (wel binnen maximum invoercontingenten).



Kies een sector
Contactpersoon
Peter van Horne
0317-484645
 

Alles over
  • Algemeen
    >
  • Economie
    >
  • Maatschappij
    >
  • Milieu
    >
Referenties
Avined, 2018. Roadmap, strategische aanpak vogelgriep. Nieuwegein, december 2018. www.avined.nl

Horne, P van. 2019. Competitiveness of the EU poultry meat sector, base year 2017. International comparison of production costs. Wageningen Economic Research, report 2019-008. Wageningen. February 2019.

Horne, P.L.M. van, H.A.B. van der Meulen, J.H. Wisman, 2017. Indicatie economische gevolgen fipronilaffaire voor de pluimveesector; Op basis van beschikbare informatie voor zover bekend op 22 september 2017. Wageningen, Wageningen Economic Research, Nota 2017-103.


Meer informatie
Toelichting indicator
Thema omschrijving
Beleidsinformatie
Archief



Top of page