Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

Agrimatie > Themes > Handelsbeleid
     
Handelsbeleid
Select an indicator
Andere onderhandelingen - Agrarische sector

Andere onderhandelingen van de EU over handelsliberalisatie
11/7/2019

EU bilaterale onderhandelingen
De EU streeft bij de onderhandelingen in het kader van de WTO naar zo breed mogelijk gedragen regels over internationale handel die ‘fair and predictable’ zijn (DG Trade website: EU and WTO). Daarnaast zet de EU in op bilaterale handelsafspraken om markttoegang tot derde landen te verbeteren. Dat doet de Unie sinds zo’n 10 jaar volgens wat men noemt ‘comprehensive free trade agreements’ die verder gaan dan tariefreducties en handel in goederen. In deze overeenkomsten worden bijvoorbeeld ook afspraken gemaakt over het openstellen van publieke aanbestedingen voor buitenlandse partijen, over diensten en over bescherming van buitenlandse investeringen. Voorbeelden van zo’n nieuwe generatie handelsakkoorden zijn die met Zuid-Korea (van kracht sinds december 2015) en met Canada (CETA, op voorlopige basis toegepast sinds september 2017). De meest recente vrijhandelsakkoorden zijn afgesloten met Japan (Economic Partnership Agreement, van kracht sinds februari 2019) en Vietnam (Free trade and investment protection agreement, als principe akkoord afgesloten in juni 2019, maar nog niet in werking). Met Indonesië, Tunesië, de Filippijnen, Australië en Nieuw-Zeeland heeft de EU onderhandelingen geopend, maar deze zijn alle nog in de beginfase (EC DG Trade, 2019).

Japan en Vietnam
Het akkoord met Japan zal vooral de Europese agri-food sector een betere toegang moeten geven tot de tot nu toe sterk beschermde Japanse markt. Daarbij gaat het naast invoertarieven ook en vooral om non-tarifaire maatregelen (Sapir et al., 2018). De EU en Japan hanteren hun eigen (en aan WTO-afspraken gelieerde) standaarden op sanitair en fytosanitair (SPS) en op technisch (TBT) gebied, waarbij de Japanse op diverse onderdelen wel strikter zijn dan de Europese. Bilaterale afspraken zijn gemaakt voor een betere afstemming van technische wetgeving, standaarden en Conformity Assessment Procedures (testen, inspectie, certificering) om handelsstromen vlotter te laten verlopen. Als belangrijke winst wordt ook gezien dat Japan meer dan 200 Europese Geografische Indicaties voor landbouw- en voedingsproducten erkent (waaronder Edam en Gouda kaas). De exportportfolio vanuit Nederland bestaat voornamelijk uit vlees (vrijwel uitsluitend varkensvlees), zuivel (met name kaas), bijproducten van de voedselindustrie en diervoer (EU Comtrade). Daarnaast zijn ook sierteelt, cacaoproducten en groente een belangrijk onderdeel van de Nederlandse exportportfolio naar Japan. Of deze export naar Japan snel zal groeien als gevolg van de handelsafspraken mag worden betwijfeld. Voor zuivel en cacaoproducten blijven de tariefvrije importquota beperkt en de tarieven van de meeste agrarische producten worden in kleine stapjes uitgesmeerd over vele jaren naar beneden gebracht. Ook voor de export van groenten en fruit lijkt het akkoord niet noodzakelijkerwijs te leiden tot groei. Dit heeft onder meer te maken met aanhoudende beperkingen op het vlak van plantgezondheid. In feite ontbreekt het de meeste fytosanitaire hoofdstukken die worden opgenomen in vrijhandelsakkoorden met derde landen, aan directe en bindende bepalingen die markttoegang voor Europese groenten en fruit in derde landen mogelijk maken.

Vietnam - een van de economisch gezien snelst groeiende landen in Zuidoost-Azië - zal met de nieuwe afspraken over lagere importtarieven naar verwachting meer vis, koffie, rijst en verwerkte voedselproducten naar de EU exporteren (Nguyen Binh Duong, 2016). De grotere exportmogelijkheden naar de EU kunnen echter alleen gerealiseerd worden door te voldoen aan de Europese standaarden op het gebied van plant- en diergezondheid, voedselveiligheid; dit wordt gezien als de grootste uitdaging aan Vietnamese kant. 

Mercosur
In juni 2019 heeft de Europese Commissie namens de EU met Mercosur (een douane-unie van Argentinië, Brazilië, Uruguay en Paraguay) een principeafspraak afgesloten. Daarmee komt een einde aan de onderhandelingen die in 1999 startten. De nationale lidstaten dienen het akkoord dat de Commissie voorlegt nog te bekrachtigen en daarna het Europese Parlement. Het valt nog te bezien of er voldoende steun voor is. In de lange aanloop naar het akkoord is door de Europese vleesindustrie veelvuldig gewezen op de dreigende toestroom van Argentijns en Braziliaans rund- en pluimveevlees; het Zuid-Amerikaanse vlees kan tegen lagere kostprijzen worden aangeboden, onder meer omdat in die landen veel minder stringente milieu- en dierwelzijnseisen gelden dan in de EU. Landbouwministers van Duitsland, Frankrijk en Ierland tonen zich dan ook erg bezorgd over de gevolgen voor de sector in hun land, net als de Europese boerenorganisatie Copa-Cogeca (The Journal, 2019; Euractiv, 2019). Ook in België, Polen, Italië en Denemarken is flink verzet tegen het landbouwdeel van het handelsakkoord.

In Nederland zijn de reacties van de agrosector op het Mercosur-akkoord gemengd, omdat sommige sectoren in de landbouw ook kansen zien in de Zuid-Amerikaanse markten. Dit geldt met name voor de zuivel en de voedingstuinbouwsector, een beeld dat wordt ondersteunt door het Sustainability Impact Assessment tussenrapport voor de Europese Commissie (LSE, 2019). De producentenorganisatie varkenshouderij verwacht geen grote invloed van het akkoord op de Nederlandse of Europese varkensmarkt (POV, 2019). Er is weinig import van varkensvlees uit Mercosur-landen. Als het akkoord van kracht wordt, kan er in 6 jaar tijd 25.000 ton tariefvrij ingevoerd worden mits dit vlees vrij van de groeibevorderaar ractopamine is (Boerderij website, 8 juli 2019). Ook voor de import van pluimveevlees en rundvlees worden de tariefvrije importquota ruimer (zie EC DG Trade, tradedoc 158059). De pluimveesector vreest dat ook kleine hoeveelheden extra vleesimport de markt uit evenwicht zullen brengen (NRC, 2 juli 2019). 




Deze informatie voor
Contactpersoon
Siemen van Berkum
070 3358101
 

Alles over
  • Algemeen
    >
  • Economie
    >
  • Maatschappij
    >
  • Milieu
    >
Referenties
Toelichting:
Sanitary and Phytosanitary Standards (SPS) zijn vastgelegd in een WTO-afspraak en gaan over sanitaire en fytosanitaire maatregelen gericht op de bescherming van het leven of de gezondheid van mens, dier of plant tegen bepaalde risico&39;s. De WTO-leden hebben ook afspraken gemaakt over technische standaarden (Agreement on Technical Barriers to Trade, TBT) die verwijzen naar technische voorschriften en procedures voor de beoordeling van de overeenstemming met technische voorschriften en normen. In beide afspraken wordt onderkend dat de WTO-leden een eigen wettelijke autonomie hebben om standaarden en voorwaarden te formuleren maar wordt ook gestimuleerd om zoveel mogelijk de internationale, gemeenschappelijk overeengekomen standaarden te volgen.

Geraadpleegde bronnen:






Meer informatie
Toelichting indicator
Thema omschrijving
Beleidsinformatie
Archief



Top of page