Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

Agrimatie > Themes > Nutrienten
     
Nutrienten
Select an indicator
Mestafzetkosten - Veehouderij

Mesafzetkosten op bedrijfsniveau in 2018 gestagneerd
1/13/2020

Door de aanscherping van de gebruiksnormen in 2015 en een verdere toename van de rundveestapel zijn de mestoverschotten in 2016 en 2017 hoger dan in de voorgaande jaren. In 2018 echter waren de mestoverschotten door de krimp van de melkveestapel als gevolg van het fosfaatquotum melkveehouderij weer wat lager. De afzetprijzen per ton mest zijn in 2016, 2017 en 2018 vrijwel gelijk. Door schaalvergroting op varkensbedrijven zijn de betaalde mestafzetkosten licht gestegen tot gemiddeld 61.000 euro per varkensbedrijf in 2018.

Afzetprijs in 2018 vrijwel gelijk aan 2017, voor pluimveemest gedaald
Aan de forse stijging van de mestafzetprijzen voor zowel rundvee- als varkensdrijfmest vanaf 2014 is in 2017 een eind gekomen. Was in 2016 de prijs af boerderij voor varkensdrijfmest nog 10% hoger dan in 2015, in 2017 en 2018 is die stijging nog maar 2%. Voor rundveedrijfmest was de prijsstijging in 2016 bijna 20% en in 2017 nog maar 3%. In 2018 is de prijs van rundveedrijfmest zelfs met 5% gedaald. De prijzen zijn sterk afhankelijk van de ontwikkelingen rond productie, verwerking en export. De prijzen van varkens- en pluimveemest lagen in 2006 en 2007 op een hoog niveau. In 2008 startte de DEP-centrale met de verwerking van pluimveemest. Daarnaast vond er meer export plaats. Deze ontwikkelingen leidden tot een lagere afzetprijs van pluimveemest. Doordat er minder concurrentie was van pluimveemest op de binnenlandse markt, daalde ook de afzetprijs van varkensmest. De DEP-centrale is van grote invloed op de afzetprijs van pluimveemest. Dat zie je ook in het jaar 2018. Per 1 januari 2018 gingen er nieuwe contracten in met lagere prijzen voor de levering van mest aan de DEP. Dat had tot gevolg dat de prijs voor de afzet van pluimveemest daalde van 9,30 euro in 2017 naar 7,50 euro in 2018, dit ondanks de hogere afzetkosten bij export van onverwerkte pluimveemest. Pluimveehouders die hun mest aan korrelaars leveren, krijgen zelfs geld toe. Omdat de afzet naar de korrelaars is gestegen en de prijs voor de mestafzet naar de DEP-centrale is gedaald, is de gemiddelde prijs af boerderij voor pluimveemest gedaald.  

De prijzen af boerderij van rundveemest lagen tot 2014 op een veel lager niveau dan die van varkens- en pluimveemest en schommelden minder sterk. Als gevolg van de afschaffing van de melkquotering in 2015 nam het aantal melkkoeien toe. Door de hiermee gepaard gaande hogere productie van rundveemest waren de afzetprijzen van 2016, 2017 en 2018 ongeveer 70% hoger dan die in 2014. 
 


Hogere mestafzetkosten per bedrijf 
De betaalde mestafzetkosten per bedrijf verschillen sterk tussen de bedrijfstypen. Varkensbedrijven betaalden tussen 2010 en 2015 gemiddeld 30 tot 40.000 euro per jaar voor de afzet van mest, pluimveebedrijven ongeveer 10 tot 15.000 euro en melkveebedrijven gemiddeld circa 3.000 euro. Sinds 2015 zijn die verhoudingen duidelijk verschoven: vooral op varkens- en melkveebedrijven namen de kosten fors toe.

Bij de varkensbedrijven bedroegen de mestafzetkosten in 2018 61.000 euro per bedrijf. Dat is meer dan een verdubbeling sinds 2010 door zowel hogere afzetprijzen als door schaalvergroting. Door de toegenomen bedrijfsomvang moest per bedrijf in 2018 bijna de helft meer mest worden afgezet dan in 2010. Vrijwel alle gespecialiseerde varkensbedrijven voerden in 2018 mest af.

In de melkveehouderij is, na de afschaffing van de melkquotering in 2015 en 2016, het aantal melkkoeien flink toegenomen. Vooral de gegroeide bedrijven konden de extra geproduceerde mest niet op eigen grond afzetten en moesten deze mest afvoeren. Daardoor nam de concurrentie op de mestmarkt toe. Als gevolg van het fosfaatreductieplan is de melkveestapel in 2017 en 2018 weer gedaald. Doordat als gevolg van het lagere aantal dieren in de melkveehouderij er in 2017 en 2018 minder mest hoefde te worden afgevoerd, was er in de melkveehouderij een geringe daling van de mestafzetkosten per bedrijf. De gemiddelde mestafzetkosten per bedrijf waren in 2018 met 5.300 euro, 400 euro lager dan de top in 2017. Ongeveer 60% van de melkveebedrijven voerde in 2018 mest af, tegen circa 10% in 2005. 

Op pluimveebedrijven zet de gestage daling van de mestafzetkosten op bedrijfsniveau, sinds de top van 18.300 euro in 2007, nog steeds door. Bedrijven met leghennen laten tussen 2017 en 2018 een kleine daling zien van 250 euro per bedrijf (3%). Bij vleeskuikenbedrijven waren de mestafzetkosten in 2018 bijna 25% lager dan in 2016. Dit werd veroorzaakt door een kleinere hoeveelheid mest die per bedrijf werd afgezet en in 2018 door een lagere mestafzetprijs. Doordat het huidige overschot van pluimveemest wordt verwerkt en/of geëxporteerd, is de afzetprijs van pluimveemest niet gevoelig voor de vraag en het aanbod van dierlijke mest op de binnenlandse markt. Begin 2018 kwam BMC Moerdijk met nieuwe tienjarige leveringscontracten voor pluimveemest die in prijs flink lager waren dan die voor de voorgaande tien jaar. Dat was een belangrijke oorzaak voor de daling van de mestafzetprijs voor pluimveemest in 2018 met bijna 20%.

Vrijwel alle gespecialiseerde pluimveebedrijven voerden in 2018 mest af. In de periode 2005-2012 waren de gemiddelde mestafzetkosten op leghennen- en vleeskuikenbedrijven ongeveer gelijk. Doordat de vleeskuikenbedrijven in de afgelopen jaren gemiddeld groter zijn geworden, in tegenstelling tot de leghennenbedrijven, zijn de mestafzetkosten op vleeskuikenbedrijven in de periode 2013-2016 zo’n 20% hoger dan op leghennenbedrijven. Vanaf 2017 is dat verschil in mestafzetkosten deels weer verdwenen doordat leghennenbedrijven op bedrijfsniveau meer mest hebben afgevoerd en vleeskuikenbedrijven juist minder. Dat vleeskuikenbedrijven minder mest afvoeren komt doordat het aantal dieren per bedrijf is gedaald.

Economische waarde van mest daalt gestaag 

Veehouders zien mest min of meer als een afvalproduct aangezien ze kosten moeten maken om hun mest af te kunnen zetten. Mest als meststof is echter ook een product met een economische waarde, door de in de mest aanwezige waardevolle componenten als organische stof en mineralen. Als de mineraleninhoud van de verschillende mestsoorten wordt gewaardeerd tegen de marktprijzen die in 2018 voor mineralen uit kunstmest werden betaald, dan lopen de berekende economische waarden uiteen van circa 4 euro per ton voor rundveemest tot 36 euro per ton voor leghennenmest. De waarde van vleesvarkensmest komt uit op 9,70 euro per ton. Vanaf 2013 daalt de economische waarde van mest gestaag, door zowel lagere kunstmestprijzen als lagere mineralengehalten in de mest. De economische waarde is, op die van rundveemest na, in 2018 iets gestegen, door de hogere kunstmestprijzen.

Voor de methode van bepalen van de economische waarde van mest, zie de toelichting bij deze indicator.



Kies een sector
Contactpersoon
Harry Luesink
070 33 58315
 

Alles over
  • Algemeen
    >
  • Economie
    >
  • Maatschappij
    >
  • Milieu
    >
Referenties


Meer informatie
Toelichting indicator
Thema omschrijving
Beleidsinformatie
Archief



Top of page