Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

Agrimatie > Themes > Economisch resultaat
     
Economisch resultaat
Select an indicator
Liquiditeitsmonitor - Melkveehouderij

Liquiditeit melkveebedrijven eerste kwartaal verbeterd
4/24/2020

De liquiditeit van melkveebedrijven heeft zich over de eerste 3 maanden van 2020 verder verbeterd. De stand op de rekening-courant steeg gemiddeld met 14.500 euro ten opzichte van eind 2019. Het saldo op de rekening-courant nam toe doordat de melkopbrengsten in januari door extra betalingen over het voorgaande jaar, zoals premies voor weidegang, altijd hoger zijn (circa 9.000 euro). Daarnaast nam ten opzichte van dezelfde periode in 2019 het melkvolume met bijna 4% en de prijs met 1% toe. In vergelijking met het vierde kwartaal 2019 werd er gemiddeld meer geïnvesteerd en meer geleend, waarschijnlijk om de investering te financieren. Ook werd privé meer uitgegeven. De ontwikkeling van de stand op de lopende rekening is een resultante van de bij- en afschrijvingen. Overschrijvingen van en naar een spaarrekening worden buiten beschouwing gelaten. Neveninkomsten en privé-uitgaven zijn wel in het saldo verwerkt.


De gemiddelde stand op de lopende rekening komt aan het eind van het eerste kwartaal in 2020 uit op 14.000 euro. Dit is een stijging van 14.500 euro ten opzichte van de stand aan het eind van 2019, maar 4.400 euro lager dan de stand aan het einde van eerste kwartaal in 2019. De kleine daling op jaarbasis wordt veroorzaakt door investeringen in gebouwen en werktuigen en hogere privé uitgaven.
In januari zijn de melk- en zuivelopbrengsten hoger dan in de andere maanden door uitbetaling van premies voor duurzaamheid en weidegang (zie figuur saldo melk/zuivel). Het aandeel van deze toeslagen in de melkprijs wordt door de jaren heen groter.
De verbetering van de liquiditeitspositie begon in december 2019. Vanaf april 2019 was er vrijwel alleen een verslechtering van de liquiditeitspositie. Per saldo was er over geheel 2019 slechts een geringe daling van de positie op de rekening-courant.
Onderstaande figuren geven de totale bij- en afschrijvingen per maand op de rekening-courant weer vanaf begin 2019. Het beeld is wisselend. De eerste 2 maanden zijn zowel de bij- als afschrijvingen in 2020 hoger dan in 2019. Het laatste kwartaal zijn deze lager. Per saldo zijn de bijschrijvingen over het gehele eerste kwartaal in 2020 sterker gestegen dan in dezelfde periode in 2019. Deze toename wordt voor een kwart veroorzaakt door de melkontvangsten. Tegelijkertijd zijn in het eerste kwartaal de afschrijvingen op de rekening courant meer gestegen ten opzichte van vorig jaar. Hierdoor was het totale saldo op de rekening courant over het eerste kwartaal 2.600 euro lager (+ 14.500 euro in 2020 en + 17.100 euro in 2019) ten opzichte van dezelfde periode een jaar eerder.
 




Aantal bedrijven met een positief rekening-courantsaldo neemt weer toe
De verschillen tussen bedrijven zijn groot, zo staat eind maart 2020 bijna 13% van de bedrijven meer dan 50.000 euro in het rood en heeft meer dan een derde van de bedrijven meer dan 25.000 euro op de lopende rekening staan.

Vergeleken met het 4e kwartaal 2019 is de rekening-courantpositie verbeterd. De bedrijven schuiven door naar een positievere of naar een minder negatieve groep. Had in de tweede helft van 2019 bijna de helft van de bedrijven een positieve rekening-courant, in het eerste kwartaal van 2020 heeft zich dit hersteld naar circa 58% en komt het niveau weer in de buurt van het eerste halfjaar van 2019.


De veranderingen in aandelen van de bedrijven per klasse kunnen soms relatief klein zijn. Dit wil echter niet zeggen dat de situatie per bedrijf niet sterk kan verschillen. Onderstaande figuur toont hoe melkveebedrijven tussen de perioden van de ene naar de andere klasse verschuiven. Doorgaans blijft het grootste gedeelte van de bedrijven in de eigen klasse. Ten opzichte van het vierde kwartaal van 2019 zijn er verschuivingen naar klassen met een hoger saldo op de lopende rekening. De meest positieve klasse neemt 13% toe en de meest negatieve klasse neemt 4% af.



Melkprijsontwikkelingen
De prijzen van magere melkpoeder zijn over 2019 ten opzichte van 2018 met 47% sterk gestegen. De gemiddelde boterprijs is daarentegen in 2019 23% lager dan in 2018. De Nederlandse kaasprijs laat een stijgende tendens zien na een daling in 2018. De gemiddelde prijs over 2020 van magere melkpoeder ligt ruim 10% hoger dan het gemiddelde van 2019, de volle melkpoeder is vergelijkbaar en de boterprijs is 10% lager. Omdat ongeveer de helft van de Nederlandse melk tot kaas wordt verwerkt, is de priisontwikkeling hiervan wel belangrijk. De EU-kaasprijs daalt in april licht terwijl deze in het eerste kwartaal nog iets toenam maar wel op een lager niveau lag dan in dezelfde periode van 2019. De coronaeffecten zijn in deze prijsontwikkeling meegenomen, maar in de periode vanaf half maart tot half april zijn de prijzen voor volle, magere melkpoeder en boter respectievelijk met 10, 22 en 25% gedaald. Deze effecten zijn nog niet terug te vinden in de liquiditeitscijfers omdat in de bepaling van de melkprijs van maart deze effecten nauwelijks een rol speelden. De melkprijsdaling bleef beperkt tot ruim 30 cent per 100 kg melk.

Over het jaar 2019 daalde de melkaanvoer met 0,7% ten opzichte van 2018. In 2020 ligt de melkaanvoer over het eerste kwartaal bijna 4% hoger dan in dezelfde periode van 2019. De melkproductie in Europa nam over het jaar 2019 0,7% toe ten opzichte van 2018. In januari 2020 ligt deze 1,7% hoger dan een jaar eerder. 

Vooruitzichten 2020

De prijsvorming op de (wereld)zuivelmarkt wordt weerspiegeld in de Global Dairy Trade prijsindex. Deze is in 2019 met 12% gestegen. In 2020 is deze, onder andere door de wereldwijde coronacrisis, tot en met de notering van begin april met 14% gedaald en ligt hiermee onder het niveau van begin 2019. De Nederlandse en Italiaanse spotprijzen laten sinds begin van het jaar een daling zien van respectievelijk 40% en 25%. Hierbij moet wel worden opgemerkt dat dit maar op een klein deel van de melk betrekking heeft.

Veel ondernemers betalen de komende 6 maanden geen aflossingen en soms ook geen rente aan hun bank. Dat helpt tijdelijk in de uitgaven.

 

Er wordt verwacht dat China in 2020 zo’n 28% minder melkpoeders zal importeren. Door de lage olieprijzen is er ook minder koopkracht in het Midden-Oosten en Noord-Afrika (Bron Rabobank).


Omdat het relatief luxe kalfsvlees niet kan worden afgezet in de horeca omdat deze vanwege coronamaatregelen zijn gesloten, zijn de prijzen voor nuchtere kalveren (nuka’s) flink aan het dalen. De grondstofprijzen voor de mengvoeders vertoonden aan het begin van de coronacrisis een lichte stijging, de verwachting is niet direct dat dit doorzet.

De prijsvorming op de (wereld)zuivelmarkt wordt weerspiegeld in de Global Dairy Trade prijsindex. Deze is in 2019 met 12% gestegen. In 2020 is deze, onder andere door de wereldwijde coronacrisis, tot en met de notering van begin april met 14% gedaald en ligt hiermee onder het niveau van begin 2019. De Nederlandse en Italiaanse spotprijzen laten sinds begin van het jaar een daling zien van respectievelijk 40% en 25%. Hierbij moet wel worden opgemerkt dat dit maar op een klein deel van de melk betrekking heeft.
Veel ondernemers betalen de komende 6 maanden geen aflossingen en soms ook geen rente aan hun bank. Dat helpt tijdelijk in de uitgaven.

Er wordt verwacht dat China in 2020 zo’n 28% minder melkpoeders zal importeren. Door de lage olieprijzen is er ook minder koopkracht in het Midden-Oosten en Noord-Afrika (Bron Rabobank).

Omdat het relatief luxe kalfsvlees niet kan worden afgezet in de horeca omdat deze vanwege coronamaatregelen zijn gesloten, zijn de prijzen voor nuchtere kalveren (nuka’s) flink aan het dalen. De grondstofprijzen voor de mengvoeders vertoonden aan het begin van de coronacrisis een lichte stijging, de verwachting is niet direct dat dit doorzet.

Een dashboard met informatie van andere plekken op Agrimatie
Op Agrimatie is voor de melkveehouderij ook informatie beschikbaar over ontwikkeling van prijzen, saldi en inkomen. De prijzen worden maandelijks bijgewerkt, de saldi uit de Barometer Agrarische Sectoren tweemaandelijks en de inkomens jaarlijks.


Kies een sector
Contactpersoon
Harold van der Meulen
0317-484436
 

Alles over
  • Algemeen
    >
  • Economie
    >
  • Maatschappij
    >
  • Milieu
    >
Referenties
  • Dit artikel is tot stand gekomen vanuit het topsectorenbeleid van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en is een product van samenwerking tussen Wageningen Economic Research en ABN AMRO. De data van de figuren zijn afkomstig van bedrijven uit het Bedrijveninformatienet van Wageningen Economic Research, een representatieve steekproef van landbouwbedrijven uit de CBS-Landbouwtelling die groter zijn dan 25.000 euro Standaardopbrengst (SO). De data hebben betrekking op melkveebedrijven groter dan 100.000 euro SO.
  • De inkomenspositie van melkveebedrijven is terug te vinden op BINternet
  • De Barometer Agrarische Sectoren geeft een beeld van actuele ontwikkelingen van het saldo van veehouderijbedrijven
  • Actuele prijsontwikkeling per maand van melk
  • Toelichting bij gebruik van de stroomfiguur: de twee staven geven de aandelen bedrijven per klasse in de gekozen kwartalen weer. Het middengedeelte tussen de staven geeft de verschuiving weer van bedrijven tussen de genoemde perioden. Als je met de muis op een van de klassen gaat staan, kun je zien waar hoeveel bedrijven naar toe stromen (als je op een klasse in de linkerstaaf staat) of waar ze vandaan komen (als je op een klasse in de rechterstaaf staat).


Meer informatie
Toelichting indicator
Thema omschrijving
Beleidsinformatie
Archief



Top of page