Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

Agrimatie > Themes > Dierenwelzijn
     
Dierenwelzijn
Select an indicator
Antibioticagebruik - Vleeskalverhouderij

Antibioticagebruik bij vleeskalveren daalt verder
9/20/2021

Bij vleeskalveren is het gebruik het hoogst van de vijf grootste diersectoren (melkvee, overig rundvee, varkens, vleeskalveren en vleeskuikens), maar het laat wel een gestage afname zien voor de laatste vijf jaar. In 2020 is het gemiddeld gebruik 15,3 dagdoseringen (DDDANAT): dat is een afname van 1,2 dagdoseringen ten opzichte van 2019. Sinds 2013 is het gebruik met 6,2 dagdoseringen gedaald (SDa, 2021).

Het gebruik van antibiotica die door de WHO als meest kritisch voor de humane geneeskunde zijn gedefinieerd, is in de afgelopen vijf jaar sterk verminderd. Het gebruik van fluoroquinolonen is met 0,01 dagdoseringen per dierjaar zeer laag. Ook het gebruik van polymyxines blijft laag, met 0,02 dagdoseringen per dierjaar. Er zijn in 2020 opnieuw geen derde en vierde generatie cefalosporinen gebruikt. De SDa heeft onderscheid gemaakt tussen vleeskalveren op blankvleesbedrijven en rosékalveren op startbedrijven, afmestbedrijven en gesloten bedrijven. Antibiotica worden voornamelijk bij jonge dieren gebruikt. Op de afmestbedrijven, waar dieren ouder zijn dan 11 weken (rosé), kregen de dieren in 2020 gemiddeld 4,1 dagdoseringen per dierjaar, op de startbedrijven (rosé) waar dieren van 2 tot 11 weken aanwezig zijn was dat 69,1 dagdoseringen per dierjaar.Het antibioticagebruik bij blankvleeskalveren is al enkele jaren normaal verdeeld, zonder extreme uitschieters. De SDa adviseert daar dan ook een sectorbrede aanpak voor verdere verlaging. Bij rosé afmestbedrijven daarentegen moet de aandacht eerst nog worden gericht op een klein aantal veelgebruikers.

Uit onderzoek blijkt dat diverse factoren significant invloed hebben op het antibioticagebruik op blankvleesbedrijven. Hieronder zijn de belangrijkste factoren benoemd - steeds ongunstig versus gunstiger:
• grotere koppels versus kleinere koppels (400-1.200 kalveren)
• veel verschillende herkomstlanden versus hetzelfde herkomstland
• stierkalveren versus vaarskalveren
• laag versus hoog/hoger opzetgewicht
• opzetten in het najaar (hogere luchtvochtigheid) versus in het voorjaar
• kortere versus langere (6 weken of langer) leegstandsduur
• kortere versus langere periode tussen eerste en laatste kalverlevering bij opzet.

Ook blijkt het voorschrijfgedrag tussen dierenartsen significant te verschillen. Deze kennis kan de sector helpen het antibioticagebruik nog verder terug te dringen (Bokma et al., 2017).


Kies een sector
Contactpersoon
Linda Puister-Jansen
0317-484642
 

Alles over
  • Algemeen
    >
  • Economie
    >
  • Maatschappij
    >
  • Milieu
    >
Referenties


Meer informatie
Toelichting indicator
Thema omschrijving
Beleidsinformatie
Archief



Top of page