Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

     
Voedsel-Economisch Bericht
Kies een thema
Internationaal

Agrarische keten

Primaire sector

Consumptie

 
 
 
 
  
Verkoopkanaal - Levensmiddelen

Omzet in voedsel naar verkoopkanaal
11/25/2020
In 2019 bedroeg de totale omzet aan voeding in alle verkoopkanalen in Nederland naar schatting circa 65 mld. euro; een toename van circa 5% ten opzichte van 2018. Het gaat dan om de omzet van de detailhandel (supermarkten, markten en speciaalzaken) en foodservice (horeca, catering, recreatie en verkooppunten onderweg). De omzetstijging deed zich voor in alle onderscheiden verkoopkanalen.

De omzet aan eten en drinken in de detailhandel in 2019 is goed voor bijna 44 mld. euro. Van alle voedselomzet in de detailhandel wordt 34,3 mld. euro gerealiseerd door supermarkten. Daarmee zijn ze het belangrijkste verkoopkanaal van eten en drinken. De stijging van de omzet is mede veroorzaakt door de btw-verhoging van 6% naar 9% per 1 januari 2019. Foodservice neemt één derde van alle omzet voor zijn rekening. In totaal werd in de horeca, recreatie, catering en verkooppunten onderweg circa 21 mld. euro uitgegeven; een toename van bijna 1 mld. euro ten opzichte van 2018. In de onderstaande tabel is een overzicht van omzet aan eten en drinken per type verkoopkanaal weergegeven. De grenzen tussen de typen van verkoopkanalen zijn in de loop der jaren minder scherp geworden. Zo hebben detaillisten in de foodsector vaker mogelijkheden om foodservice-activiteiten in hun winkel te ontplooien en op de cateringlocaties worden ook winkelgedeeltes ingericht. Supermarkten verkopen steeds vaker maaltijden, in sommige restaurants kun je ook producten kopen. Soms gaan de initiatieven verder door winkels, horeca en marktkramen te combineren in een zogenoemde ‘markthal’ of een ‘foodhal’.

Omzet eten en drinken in Nederland, in mld. euro
20182019
Supermarkten32.734.3
Kleine retail en online retail (inclusief ambulante retail) a 99.3
Foodservice, b waarvan20.121
    Horeca12.713.3
    Sport en Recreatie c 1.41.4
    Catering3.33.4
    Onderweg d 2.72.8
a Online bezorgservice van supermarkten wordt voor zover mogelijk meegerekend bij online retail.
b Inclusief online bezorgservice van maaltijden.
c Uitgaven in sportaccommodaties, recreatieparken, pretparken, etc.
d Uitgaven in benzinestations en facilitaire horeca in detailhandel en (openbaar) vervoer.
Bron: Foodstep (foodservice), CBS (supermarkten), FSIN (overige); Bewerking: Wageningen Economic Research.

Supermarkten
In Nederland zijn zes grote inkooporganisaties voor supermarkten actief. Deze maken afspraken met leveranciers over de voorwaarden van hun leveringen. De grote supermarktketens van Ahold Delhaize (in Nederland bekend van Albert Heijn en AH-formules), Jumbo, Lidl en Aldi kopen zelfstandig in. Inkoopcombinaties zijn Superunie (met aangesloten kleinere ketens zoals Deen, Spar en Plus) en Van Tol. Supermarkten die gezamenlijk inkopen hebben een sterkere positie op de inkoopmarkt. Naast eten en drinken verkopen supermarkten ook non-foodproducten. Superunie verenigt vooral (maar niet uitsluitend) regionale supermarktketens en vertegenwoordigt een marktaandeel op de inkoopmarkt van supermarkten van ruim 26%.

Van de supermarkten staan de formules van Ahold Delhaize, als het gaat om omzet en marktaandeel in Nederland, bovenaan. In 2019 realiseerde Ahold/Delhaize een omzet van bijna 15 mld. euro in Nederland. Jumbo is de tweede grote speler met een omzet van 8,7 mld. euro in 2019. De Albert Heijn/AH-formules hebben ongeveer 35% van de markt in handen, Jumbo heeft 21%. Beide zijn een full-service-supermarkt met een breed assortiment artikelen in verschillende prijssegmenten. In de positionering hebben Albert Heijn en Jumbo een eigen accent. Albert Heijn/AH probeert zich te onderscheiden als een formule waar alle dagelijkse boodschappen zijn te vinden voor een betaalbare prijs, met daarnaast bijzondere producten die doorgaans in speciaalzaken te vinden zijn. Jumbo profileert zich als een supermarkt met een klantgerichte focus (‘klant centraal’), met daarnaast een vaste lageprijsstrategie voor A-merkproducten (‘Every Day Low Pricing’-strategie).

De twee Duitse supermarktformules Lidl en Aldi staan op plekken drie en vijf als het gaat om het marktaandeel. Aldi staat bekend als een hard-discounter met een scherp geprijsd assortiment en een beperkt aantal artikelen. Lidl, een hard-discounter van origine, heeft meer het profiel van een basisservice-supermarkt. Zo profileert Lidl zich met hoge kwaliteit van het verssegment. Lidl heeft hierdoor net een andere klantenkring dan Aldi. De laatste jaren heeft Lidl relatief veel nieuwe winkels geopend. Tot en met 2018 was Lidl de hardst groeiende supermarktformule en verdubbelde het marktaandeel tot bijna 11% in 2018. Door het behoud van de lageprijsstrategie en het inzetten op kwaliteit en service heeft Lidl klanten kunnen aantrekken van zowel Aldi (2,6% aandeeldaling tussen 2008 en 2019) als andere full-service -supermarkten (3% aandeeldaling tussen 2008 en 2019). Na een lange periode van groei heeft Lidl in 2019 met enkele tienden van procenten aan omzet ingeleverd, ondanks de btw-verhoging. Een mogelijke reden hiervoor is dat het voor een discounter of een basisservice-supermarkt steeds lastiger wordt om als enige het lage-prijsimago vast te houden. Ook full-service-supermarkten zijn zich steeds meer gaan profileren met aanbiedingen en een laaggeprijsd basisassortiment. Een andere mogelijke reden is dat het jaar 2019 een jaar van economische voorspoed en lage werkloosheid is geweest. Typerend voor zo’n periode is dat consumenten meer oog hebben voor andere aspecten van een product of een service dan voor de prijs, en meer gaan letten op bijvoorbeeld gemaksaspecten, of kwaliteit en duurzaamheid.

Ahold Delhaize heeft de meeste winkels. Albert Heijn, AH to go en AH XL en andere winkeltypen van Ahold Delhaize hebben in 2019 samen 975 vestigingen. Jumbo heeft 671 vestigingen, dat is 45 vestigingen meer dan vorig jaar mede door de overname van Emté. Aldi heeft met 504 vestigingen de derde positie als het gaat om het aantal vestigingen. Lidl heeft 431 vestigingen.

In 2018 zijn de winkels van Emté (131 winkels en 2,5% marktaandeel in 2017) voor een groot deel verkocht aan Jumbo Groep en Coop. Enkele winkels zijn verkocht aan Jan Linders, of gesloten. De Émte-formule is halverwege 2019 verdwenen uit het straatbeeld.

Omzet inclusief non-food, marktaandelen en aantal winkels van supermarktformules in Nederland in 2019
RetailorganisatieOmzet in mld. euroAantal vestigingenMarktaandeel (%)
Ahold Delhaize (Albert Heijn, AH to go, AH XL)14,8 a 97534.9
Jumbo Groep (Jumbo) b 8.767121
Lidl3,9 c 43110.7
Plus2.62856.5
Aldi2,5 c 5045.9
Detailresult (Dirk en Dekamarkt) 2,1 d 2035.4
Coop (Coop Supercoop, Coop Compact, Coop Vandaag)1.53193.7
Hoogvliet0,8 c 702.1
Deen0,8 c 812
Vomar0,5 c 691.6
Spar (Spar, Attent, Spar City Store, etc.)0,5 c 4031.2
Jan Linders0.5611.1
Poeisz0,4 d 701
a Inclusief Gall & Gall, Etos en Bol.com. Online werd 2,4 mld. euro gerealiseerd.
b Consumentenomzet totaal inclusief La Place en Emté.
c Op basis van 2018.
d Op basis van 2017.
Bron: Distrifood op basis van IRI, Nielsen en eigen schattingen; bewerking: Wageningen Economic Research.


Gespecialiseerde winkels voor duurzame producten last van concurrentie
Gespecialiseerde winkels voor duurzamere producten zijn winkels die vooral voedingsmiddelen van biologische of biodynamische oorsprong verkopen. Een aantal van deze winkels richt zich daarnaast ook op het aanbieden van voedingsmiddelen van bijvoorbeeld macrobiotische oorsprong, veganistische producten, tropische fairtradeproducten, of juist lokale producten met een lagere milieuvoetafdruk, en ‘dier-, mens- en milieuverantwoorde’ non-food. Winkels voor duurzamere producten komen in allerlei vormen voor, van een klein winkeltje tot een volwaardige biologische supermarkt. Voorbeelden zijn reformwinkels, wereldwinkels, Ekoplaza, Gimsel en Marqt. De term ‘duurzamere’ moet daarbij met de nodige relativering gehanteerd worden. Het is feitelijk juister om te spreken van verondersteld duurzamere producten, om aan te geven dat het om initiatieven gaat die beogen productie duurzamer te maken.

Een belangrijke ontwikkeling in de gespecialiseerde winkels voor duurzamere producten in de laatste jaren is de toename in de schaalgrootte van de groothandels en winkelketens voor biologische voeding. De grootste biologische keten van Nederland is Ekoplaza. Ekoplaza groeide van 3 winkels in 2010 naar 72 winkels in 2019. In 2018 heeft Ekoplaza branchegenoot Natuurwinkel overgenomen. De één na grote biologische formule met een coöperatief karakter, 23 winkels en een eigen groothandel is Odin. Een andere grotere duurzamere supermarktformule tot en met het begin van 2019 was Marqt. Marqt bestond sinds 2008 en was uitgegroeid tot 18 filialen aan het begin van 2019.

Gespecialiseerde winkels voor duurzamere producten hebben echter moeite om hun positie vast te houden. De voornaamste reden is de concurrentie van reguliere supermarkten die ingezet hebben op de verbreding van hun assortiment met biologische en andere duurzamere producten. Deze producten zijn relatief goedkoper dan in de gespecialiseerde winkels. Tussen 2015 en 2018 is de omzet in voedsel van de speciaalzaken voor duurzamere producten als totaal met 5% gedaald (data Bionext, berekening Wageningen Economic Research). In dezelfde periode stegen de omzetten van reguliere supermarkten met 12% (data CBS/Wageningen Economic Research, berekening Wageningen Economic Research). In 2019 is de omzet in voedsel van de speciaalzaken voor duurzamere producten voor het eerst in vijf jaar gestegen met 2%, maar de omzetstijging is lager dan de btw-stijging die per 1 januari 2019 is ingegaan. Zodoende is er wederom een reële daling in de omzet exclusief btw voor deze groep winkels. Ondanks de goed draaiende economie hebben de duurzamere winkels in 2019 niet kunnen profiteren van een minder prijsgevoelige consument.

Binnen de categorie gespecialiseerde winkels voor duurzamere voeding zijn het vooral de kleinere winkels die getroffen zijn door de concurrentie van binnen en buiten deze branche. De opkomst van de grotere winkelformules in biologisch voeding én de druk van de reguliere supermarkten heeft er mede ervoor gezorgd dat vooral kleinere winkels hun omzet zagen teruglopen. Bij de kleinste winkels (80-90 m2) is de gemiddelde omzet per winkel tussen 2015 en 2018 met 10% gedaald; een aantal van deze winkels heeft in deze periode definitief hun deuren gesloten (data Bionext, berekening Wageningen Economic Research).

Grotere duurzamere supermarktformules strijden met de reguliere supermarkten vooral om een onderscheidend winkelconcept. De omzetten van grotere biologische supermarkten staan onder druk, met soms meer dan 15% omzetverlies per winkel tussen 2015 en 2018 (schatting op basis van data Bionext). Als gevolg hebben ook grotere formules in de duurzame levensmiddelendetailhandel de laatste jaren een aantal vestigingen moeten sluiten. In 2019 werd bekend dat Marqt door financiële problemen een grote reorganisatie in gang heeft gezet. In oktober 2019 werd Marqt overgenomen door Udea, moederbedrijf van concurrent Ekoplaza. De grotere filialen van Marqt worden gesloten en verkocht aan een aantal reguliere supermarkten, de kleinere filialen in grote steden worden supermarkten die zich meer richten op duurzamer en gezonder kant-en-klaar assortiment. 

Online boodschappen steeds populairder
De trend die in 2019 door heeft gezet, is de flinke groei van online verkoop van eten en drinken. Online verkoopconcepten profiteren duidelijk van een naar gemak strevende consument. FSIN rapporteert dat de totale food retail delivery markt in 2019 circa 1,9 mld. euro is. Dat is ongeveer de helft van de uitgaven in de totale delivery markt en circa 4% van alle uitgaven in de retail. ABN AMRO (2019) schat dat slechts 80 mln. euro daarvan online-aankopen zijn die rechtstreeks bij de producent zijn gedaan. Naar schatting van IGD is de omzet uit de online diensten van supermarkten met fysieke winkels ruim 1,4 mld. euro in 2019, een groei met circa 20% ten opzichte van 2018. In 2013 was deze omzet nog 240 mln. euro. Vooral service-supermarkten hebben een optie om online te bestellen. Albert Heijn en Jumbo hebben het grootste aandeel in online verkopen van levensmiddelen in handen: 83%. Hun schaalgrootte en formuletrouwe klanten hebben het mogelijk gemaakt om een snelle stap naar online te maken.

Online omzet van supermarktformules met fysieke winkels in Nederland, mln. euro
Retailorganisatie201320182019
Albert Heijn219640731
Jumbo0350436
Plus117684
Coop63841
Overige597119
Totaal2401,2001,438
Bron: IGD en eigen schattingen; bewerking: Wageningen Economic Research.


Naast supermarkten met een fysieke winkel zijn er supermarkten die zich uitsluitend richten op online activiteiten. Picnic is veruit de grootste online supermarkt met zowel een food- als non-food-assortiment. Picnic opereert alleen in regio’s waar voldoende klanten zijn en blijft werken aan een groter klantenbestand zodat het ook in andere regio’s rendabel wordt om de activiteiten uit te rollen. De omzet van Picnic was 117 mln. euro in 2018.
Fysieke winkels blijven naar verwachting nog altijd het belangrijkste verkooppunt van levensmiddelen. De schattingen van het aandeel online boodschappen in alle levensmiddelenaankopen in het volgende decennium lopen uiteen: van 10% in 2025 tot 15-20% in 2030 (zie bijvoorbeeld EFMI (2016) en Rabobank, Cijfers en Trends).

Verkoop van voeding en dranken buitenshuis steeds belangrijker
De buitenhuishoudelijke consumptie van voeding en dranken is in het laatste decennium met 15% gestegen. De totale omzet van eten en drinken in de foodservice (horeca, catering, recreatie en verkooppunten onderweg) is gestegen van ruim 18 mld. euro in 2009 naar circa 21 mld. euro in 2019 (op basis van Foodstep Omzet Food Service Database). Het aandeel van de foodservice in de totale omzet van eten en drinken is één derde en is in de laatste jaren met enkele procenten gestegen. In 2019 is dit aandeel min of meer gelijk gebleven. Het aantal vestigingen in de foodservice is in dezelfde periode ook gestegen, van 161.000 naar 174.000 (op basis van Foodstep Omzet Food Service Database). Het merendeel van deze vestigingen betreft catering op locatie.

De populariteit van eten en drinken buitenshuis is in de periode van economisch herstel na de kredietcrisis toegenomen. Vooral jongere generaties hebben een voorkeur voor een maaltijd buitenshuis. Het aantal vestigingen in de horeca (restaurants, cafés en bars, faststfoodconcepten, en eetgelegenheden in hotels) is gestegen van krap 43.000 naar ruim 46.000. Vooral het aantal restaurants en fastfoodconcepten in grotere steden is toegenomen. Het aantal buurtcafés en bars is juist gedaald. Het aantal eetgelegenheden in hotels is min of meer hetzelfde gebleven. De omzet van eten en drinken in de horeca is gestegen van 11 mld. euro naar 13 mld. euro tussen 2009 en 2019. De groei lijkt een positieve ontwikkeling voor de sector. Toch laten deze cijfers ook zien dat de concurrentie in de horeca groot is. De groei van de omzet in eten en drinken kan namelijk de groei in het aantal vestigingen niet bijbenen. De gemiddelde omzet in eten en drinken per vestiging is tussen 2009 en 2019 gedaald van 288.000 euro naar 260.000 euro.

Online maaltijden
De bezorging van bereide maaltijden heeft in de laatste jaren aan populariteit gewonnen. FSIN rapporteert dat in 2019 ruim 1,9 mld. euro is besteed aan versbereide maaltijden via een bezorgdienst, een toename met 56% ten opzichte van 2016. De omzet in maaltijd delivery is ongeveer de helft van de uitgaven in de totale delivery markt in 2019. De andere helft is de food retail delivery.

Online (en daarvoor telefonische) bestellingen werden traditioneel geleverd door partijen die zelf voedsel bereiden. Domino’s (pizza), New York Pizza, De Beren (diverse warme maaltijden) zijn grote bezorgdiensten in Nederland met eigen restaurants of afhaalpunten. Volgens FSIN hebben deze ketens circa 20% van de markt in maaltijdbezorging in handen. De laatste jaren is op de Nederlandse markt een snelle groei en consolidatie van internetportals en -koeriersdiensten geweest. Deze IT-bedrijven faciliteren de bezorging van maaltijden vanuit verschillende horecagelegenheden, waaronder restaurants die zelf geen bezorgdienst hebben. Volgens FSIN wordt via de online platforms circa 40% afgezet. De marktleider in online platforms voor maaltijdbezorging is Thuisbezorgd.nl met een geschatte omzet van 57,9 mln. euro in Nederland. Andere grotere platforms zijn Deliveroo en Uber Eats. De ondernemingen leveren ook onderling diensten. Zo kunnen maaltijden bij bezorgketens als Domino’s, New York Pizza en De Beren worden besteld via Thuisbezorgd.nl. De rest van de omzet in maaltijdbezorging wordt behaald door kleinere horeca die buiten de platforms om opereren en door de klassieke maaltijdservice voor speciale doelgroepen, bijvoorbeeld senioren.


Effecten van coronacrisis
In de tweede helft van maart 2020 hebben de Nederlandse en buitenlandse overheden ingrijpende maatregelen genomen ter voorkoming van de verspreiding van het coronavirus. Op 16 maart 2020 is in Nederland de zogenaamde ‘intelligente lockdown’ in werking getreden. De intelligente lockdown heeft de situatie voor de verkoopkanalen voor voeding drastisch veranderd. Vooral de foodservice is door de maatregelen hard getroffen en heeft de omzetten fors zien dalen. Daartegenover staat dat supermarkten en de kleinere voedingsmiddelenretail juist konden profiteren van de intelligente lockdown doordat mensen meer thuis aten.

Wageningen Economic Research heeft geschat dat in de periode tussen 16 maart en 1 juni 2020 de foodservice een omzetverlies leed van 4 miljard euro. Daar stond een omzetstijging in supermarkten en de overige retail tegenover van naar schatting 600 mln. euro en 487 mln. euro respectievelijk (Logatcheva, 2020). Over de periode na 1 juni 2020 zijn nog weinig gegevens beschikbaar. Het CBS meldt dat in juni 2020 supermarkten 6,7% en speciaalzaken in voeding 5,4% meer omzet behaalden ten opzichte van dezelfde maand in 2019. Voor juli zijn deze percentages 4,8% en 10,9% voor supermarkten en speciaalzaken respectievelijk.

Omzetdaling foodservice door directe en indirecte maatregelen
In totaal wordt het omzetverlies in de foodservice tussen 16 maart en 1 juni 2020 op circa 83% geschat. De meest ingrijpende directe maatregel in deze periode heeft betrekking gehad op het sluiten van eet- en drinkgelegenheden, met uitzondering van afhaal- en bezorgservice. De sluiting heeft ook partycentra, strandtenten, sport- en recreatieverkooppunten, en restaurants in warenhuizen getroffen. Als gevolg is een groot deel van de eet- en drinkgelegenheden helemaal dichtgegaan, een deel is doorgegaan met hun bestaande afhaal- en bezorgservice, en een deel, met name restaurants en cafés, is begonnen met afhaal- en bezorgservice. Het omschakelen van consumptie op locatie naar afhaal- en bezorgservice is voor veel van deze bedrijven gepaard gegaan met een drastische daling in de omzet aan dranken. In april 2020 spraken nieuwsberichten over 90 tot 95% omzetverlies bij restaurants en cafés. De cafetariabranche heeft van de traditie om een snack of een frietje te halen geprofiteerd, waardoor er ook bedrijven zijn geweest die de omzetverliezen hebben kunnen beperken, en soms zelfs meer omzet hebben gehad dan vóór de coronacrisis.

Indirect hebben de maatregelen ter voorkoming van de verspreiding van het coronavirus ervoor gezorgd dat catering in de luchtvaart en trein drastisch heeft moeten krimpen, door het aan banden leggen van de (internationale) verkeersbewegingen. De indirecte effecten zijn ook zichtbaar geweest op de weg. In de eerste maanden van de intelligente lockdown is 50% minder getankt bij de pompshops, wat ook tot verliezen in omzet aan snacks en dranken langs de weg heeft geleid. Wegrestaurants zijn voor afhalen opengebleven voor beroepschauffeurs, maar de impact van het coronavirus in de transportsector heeft de omzetdaling bij de horeca aan de weg verder vergroot. Grote wegrestaurantketens (bijvoorbeeld Hajé) hebben gerapporteerd dat ze in de eerste periode van de intelligente lockdown slechts 10% van de normale omzet hebben gedraaid.

Hotels konden openblijven, maar de omzet aan voeding in de hotelbranche is gekelderd. In de eerste maanden moesten hotel-restaurants dicht, alleen roomservice was mogelijk. De bezettingsgraad was echter minimaal, met slechts enkele procenten omzet in eten en drinken ten opzichte van een normale situatie.

Er is uiteraard wel doorgegaan met cateren in de penitentiaire inrichtingen en, in mindere mate dan normaal, in kazernes en zorginstellingen. Bij zorginstellingen waren er minder patiënten voor de niet-essentiële en niet-spoedeisende zorg, het bezoek was beperkt, en een deel van het personeel werkte thuis. Cateren in het onderwijs heeft nagenoeg niet meer plaatsgevonden. Onderwijsinstellingen zijn tijdens de intelligente lockdown gestopt met onderwijs op locatie.

Omzetstijging in de retail door wegvallen foodservice
De omzetstijging in supermarkten is tussen 16 maart en 1 juni 2020 geschat op 10%. In de overige voedingsmiddelenretail is de omzetstijging geschat op 25%. Door het gedeeltelijk wegvallen van de foodservice zijn supermarkten en andere retail hét afzetkanaal van voedsel in de intelligente lockdown geweest. Supermarkten hebben een aantal weken van extreme drukte gekend, vooral in de eerste weken van de coronacrisis, wat versterkt werd door hamstergedrag van consumenten.

De pure online foodwinkels in de overige retail hebben in de eerste maanden van de intelligente lockdown kunnen profiteren van de explosieve toename in de vraag naar bezorging van voedingsmiddelen. Door het wegvallen van de foodservice en de drukte bij supermarkten, is er naar schatting 40% meer omgezet in online boodschappen gedurende de eerste maanden van de intelligente lockdown. Daarnaast is er naar schatting een verdubbeling van de vraag van de consument geweest naar online bestaande en nieuwe maaltijdboxen, verspakketten en soortgelijke concepten. In de berichtgeving liep de stijging in de verkoop van maaltijdboxen en verspakketten in de eerste maanden van de intelligente lockdown uiteen tussen 50% en 500%.

Bij fysieke speciaalzaken en ambulante handel in de overige retail is het beeld heel divers geweest. Slagers, groentespeciaalzaken en bakkers buiten de zakencentra hebben van de crisis kunnen profiteren. Aan de andere kant heeft de crisis speciaalzaken in de zakencentra getroffen door het wegvallen van de vraag. Openluchtmarkten zijn in veel gemeenten gesloten geweest, of zagen door de maatregelen de omzet dalen.
 


 


 



Kies een indicator
Deze informatie voor

Contactpersoon
Katja Logatcheva
070-3358156
 


Meer informatie
Toelichting indicator
Onderwerp omschrijving
Beleidsinformatie
Archief


naar boven