Mijn agrimatie
v

Agrimatie - informatie over de agrosector

     
Mestbeleid LMM
Kies een thema
Algemeen

Bedrijfsvoering

Nutrienten

 
  
Bedrijfsomvang grond - Melkveehouderij

Areaal cultuurgrond op melkveebedrijven nauwelijks veranderd in 2018
6/4/2020

In alle grondsoortregio,s stijgt in de periode 2001-2017 het bedrijfsareaal op melkveebedrijven waarop het Landelijk Meetnet effecten Mestbeleid (LMM) gericht is. In 2018 is het gemiddelde areaal echter iets lager dan in 2017, behalve in de Zandregio. De melkveebedrijven in de Kleiregio zijn gemiddeld het grootst met 61 ha cultuurgrond per bedrijf. In de Zandregio is de omvang van de bedrijven gemiddeld 50 ha per bedrijf en daarmee het kleinst van de vier regio,s in 2018. De jaarlijkse toename van het bedrijfsareaal ligt sinds 2001 in alle regio,s iets boven 2% per jaar. Alleen in de Lössregio is hier geen sprake van. Het grotere areaal per gemiddeld bedrijf is enerzijds het gevolg van een autonome groei door aankoop en huur van cultuurgrond en anderzijds doordat meer kleinere bedrijven stoppen met de productie.



Kleiner areaal per bedrijf in 2018
In bijna alle grondsoortregio,s van het LMM is de gemiddelde bedrijfsgrootte van melkveebedrijven in 2018 iets kleiner dan in 2017. Alleen in de Zandregio is het gemiddelde areaal in 2018 gelijk aan die van 2017. De gemiddelde grootte van alle melkveebedrijven in Nederland is met 54,0 ha nauwelijks veranderd in 2018 (in 2017 was dit 54,4 ha). Met ingang van het jaar 2018 zijn een aantal melkveebedrijven gestopt vanwege de Subsidieregeling bedrijfsbeëindiging melkveehouderij. Deze subsidieregeling is onderdeel van het Fosfaatreductieplan melkveehouderij. Naast een jaarlijks (klein) percentage stoppende bedrijven is er in 2018 dus een extra aantal bedrijven gestopt, wat kan leiden tot een afwijking van de trend.
 

Kleiregio groeit het snelst in areaal cultuurgrond
In de periode 2001-2018 zijn de melkveebedrijven in de Kleiregio gegroeid met gemiddeld 19 ha cultuurgrond per bedrijf: dit is een stijging van 2,2% per jaar. Dat is bijna gelijk aan het groeipercentage van 2,1% per jaar in de Veen- en Zandregio. In de Lössregio is de gemiddelde groei van het areaal cultuurgrond per jaar het laagst met 1,8%. Gebruik van niet-landbouwgrond (bijvoorbeeld natuurgrond dat vanaf 2006 wordt vastgelegd) komt op melkveebedrijven in alle grondsoortregio&39;s weinig voor, variërend van geen tot enkele hectares per bedrijf.

 

Alleen cultuurgrond onder Nederlandse wetgeving telt mee
Onder de hierboven weergegeven ontwikkelingen in oppervlakte cultuurgrond valt alleen de cultuurgrond die binnen Nederland gelegen is. Grondpercelen in het buitenland die door steekproefbedrijven worden gebruikt, worden afzonderlijk in het Bedrijveninformatienet geregistreerd. Ook het gebruik van nutriënten (via bemesting en beweiding) en onttrekkingen van nutriënten (via geoogste gewassen) op gronden in het buitenland worden zo goed mogelijk vastgelegd. Met deze registraties is het mogelijk om de nutriëntengebruiken en bodemoverschotten specifiek te berekenen voor de cultuurgrond die onder de Nederlandse wetgeving valt
Kleiregio groeit het snelst in areaal cultuurgrond
In de periode 2001-2018 zijn de melkveebedrijven in de Kleiregio gegroeid met gemiddeld 19 ha cultuurgrond per bedrijf: dit is een stijging van 2,2% per jaar. Dat is bijna gelijk aan het groeipercentage van 2,1% per jaar in de Veen- en Zandregio. In de Lössregio is de gemiddelde groei van het areaal cultuurgrond per jaar het laagst met 1,8%. Gebruik van niet-landbouwgrond (bijvoorbeeld natuurgrond dat vanaf 2006 wordt vastgelegd) komt op melkveebedrijven in alle grondsoortregio&39;s weinig voor, variërend van geen tot enkele hectares per bedrijf.

Alleen cultuurgrond onder Nederlandse wetgeving telt mee
Onder de hierboven weergegeven ontwikkelingen in oppervlakte cultuurgrond valt alleen de cultuurgrond die binnen Nederland gelegen is. Grondpercelen in het buitenland die door steekproefbedrijven worden gebruikt, worden afzonderlijk in het Bedrijveninformatienet geregistreerd. Ook het gebruik van nutriënten (via bemesting en beweiding) en onttrekkingen van nutriënten (via geoogste gewassen) op gronden in het buitenland worden zo goed mogelijk vastgelegd. Met deze registraties is het mogelijk om de nutriëntengebruiken en bodemoverschotten specifiek te berekenen voor de cultuurgrond die onder de Nederlandse wetgeving valt.



Kies een indicator
Deze informatie voor

Contactpersoon
Ton van Leeuwen
+31 703358215
 


Meer informatie
Toelichting indicator
Thema omschrijving
Beleidsinformatie
Archief


naar boven